Gerelateerd aan Leviticus 26:44

Gerelateerd aan Leviticus 26:44

Nehemia 9:31

Maar in uw grote liefde hebt u hen niet voor altijd vernietigd. U hebt hen niet verlaten, want u bent een genadige en liefdevolle God.
Gerelateerd aan Leviticus 26:44

Romeinen 11:2

God heeft zijn volk, dat hij al van tevoren uitgekozen heeft, niet verstoten. Of weet u niet wat de Schrift over Elia zegt, hoe hij Israël bij God aanklaagt?
Gerelateerd aan Leviticus 26:44

Deuteronomium 4:29

Maar ten slotte zult u de HEER, uw God, weer zoeken, en hem ook vinden, als u hem tenminste met hart en ziel zoekt.
Gerelateerd aan Leviticus 26:44

Psalmen 94:14

Nee, de HEER zal zijn volk niet verstoten, zijn liefste bezit niet verlaten.
Gerelateerd aan Leviticus 26:44

2 Koningen 13:23

Maar de HEER was de Israëlieten genadig. Hij kreeg medelijden met hen en was met hen begaan vanwege het verbond dat hij met Abraham, Isaak en Jakob gesloten had. Hij wilde de Israëlieten niet uitroeien en verstootte hen niet, zoals hij dat tot op de dag van vandaag niet heeft gedaan.
Gerelateerd aan Leviticus 26:44

Jeremia 33:20

‘Dit zegt de HEER: Als mijn verbond met de dag en de nacht kon worden tenietgedaan, zodat de dag en de nacht niet meer op tijd zouden aanbreken,
Gerelateerd aan Leviticus 26:44

Jeremia 33:26

Zomin als ik die zal verwerpen, zal ik het nageslacht van Jakob en van mijn dienaar David verwerpen. Ik zal altijd een van zijn nakomelingen laten heersen over het nageslacht van Abraham, Isaak en Jakob. Ik zal hun lot ten goede keren en mij over hen ontfermen.’
Gerelateerd aan Leviticus 26:44

Jeremia 30:11

Ik sta je ter zijde en zal je bevrijden- spreekt de HEER. De landen waarnaar ik je verdreven heb, vaag ik allemaal weg. Je krijgt de straf die je verdient, maar vernietigen zal ik je niet.
Gerelateerd aan Leviticus 26:44

Psalmen 89:33

(89:34) Maar mijn liefde zal ik hem niet afnemen, mijn trouw aan hem niet breken,
Gerelateerd aan Leviticus 26:44

Romeinen 11:26

Dan zal heel Israël worden gered, zoals ook geschreven staat: 'De redder zal uit Sion komen, en wentelt dan de schuld af van Jakobs nageslacht.
Gerelateerd aan Leviticus 26:44

Jeremia 14:21

Maar verstoot ons toch niet, doe het niet, omwille van uw naam. Ontluister uw troon toch niet, denk aan uw verbond met ons, verbreek het niet.
Gerelateerd aan Leviticus 26:44

Ezechiel 14:22

Toch zullen er mensen zijn die daaraan ontkomen: er zullen zonen en dochters uit de stad worden weggevoerd en naar jullie toe komen. Wanneer jullie zien wat zij hebben gedaan, zullen jullie je kunnen verzoenen met het lot dat Jeruzalem heeft getroffen en begrijpen waarom ik de stad heb gestraft.
Gerelateerd aan Leviticus 26:44

Ezechiel 16:60

Toch zal ik aan dat verbond blijven denken, het verbond dat ik met je gesloten heb in de dagen dat je nog jong was. Daarom zal ik nu een verbond met je sluiten dat eeuwig zal duren.