Gerelateerd aan Leviticus 25:2

Gerelateerd aan Leviticus 25:2

2 Kronieken 36:21

Zo ging in vervulling wat de HEER bij monde van Jeremia had voorzegd. Zeventig jaar bleef het land braak liggen en had het rust, totdat alle niet in acht genomen sabbatsjaren vergoed waren.
Gerelateerd aan Leviticus 25:2

Leviticus 26:34

Zo, doordat het land braak ligt terwijl jullie naar het land van je vijanden verdreven zijn, wordt het schadeloos gesteld voor de rust die het heeft moeten ontberen. Dan zal het rusten ter vergoeding van de sabbatsjaren.
Gerelateerd aan Leviticus 25:2

Exodus 23:10

Zes jaar achtereen mag je je land inzaaien en de oogst binnenhalen.
Gerelateerd aan Leviticus 25:2

Psalmen 115:16

De hemel is de hemel van de HEER, de aarde heeft hij aan de mensen gegeven.
Gerelateerd aan Leviticus 25:2

Deuteronomium 34:4

De HEER zei tegen hem: ‘Dit is het land waarvan ik aan Abraham, Isaak en Jakob onder ede heb beloofd dat ik het aan hun nakomelingen zou geven. Ik laat het je nu zien, maar erheen oversteken zul je niet.’
Gerelateerd aan Leviticus 25:2

Psalmen 24:1

Van David, een psalm. Van de HEER is de aarde en alles wat daar leeft, de wereld en wie haar bewonen,
Gerelateerd aan Leviticus 25:2

Jeremia 27:5

Ik heb met mijn grote kracht en met mijn machtige arm de aarde gemaakt en de mensen en dieren die er leven. Ik geef de aarde aan wie ik wil.
Gerelateerd aan Leviticus 25:2

Jesaja 8:8

Ze zullen Juda binnendringen en het overspoelen, zodat het water ieder tot de lippen stijgt. Ze zullen je land over de volle breedte overvleugelen, Immanuël.’
Gerelateerd aan Leviticus 25:2

Deuteronomium 32:8

Toen de Allerhoogste land toewees aan elk volk en de mensen ieder hun deel gaf, bepaalde hij de grenzen voor alle volken naar het aantal nazaten van Israël,
Gerelateerd aan Leviticus 25:2

Deuteronomium 32:49

‘Ga het Abarimgebergte in en beklim de Nebo, die in Moab ligt, tegenover Jericho. Daar kun je uitkijken over Kanaän, het land dat ik de Israëlieten in bezit ga geven.
Gerelateerd aan Leviticus 25:2

Leviticus 14:34

'Wanneer jullie eenmaal in Kanaän zijn, het land dat ik jullie in bezit zal geven, en ik daar een huis door vraat laat aantasten,
Gerelateerd aan Leviticus 25:2

Leviticus 23:32

Het zal voor jullie een dag van volstrekte rust zijn, die je in onthouding moet doorbrengen. Deze dag moet in volstrekte rust worden doorgebracht, vanaf de avond van de negende dag van die maand tot aan de avond daarop.'