Gerelateerd aan Klaagliederen 3:7
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:7
Job 19:8
Mijn weg verspert hij met een muur, de paden die ik ga hult hij in duisternis.
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:7
Job 3:23
Waarom geeft God het licht aan hem voor wie de weg verborgen blijft, wie hij de weg verspert?
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:7
Jeremia 38:6
Ze brachten Jeremia naar de waterkelder van prins Malkia, in het kwartier van de paleiswacht, en lieten hem aan touwen zakken. In de put stond geen water meer; er was alleen modder, waarin Jeremia wegzakte.
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:7
Psalmen 88:8
(88:9) Bekenden hebt u van mij vervreemd, afgrijzen roep ik bij hen op, ik ben ingesloten en zie geen uitweg meer.
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:7
Hosea 2:6
(2:8) Daarom zal ik haar met een doornhaag de weg versperren, met een muur zal ik haar insluiten, zodat ze niet meer op pad kan gaan.
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:7
Jeremia 40:4
Maar uw boeien maak ik los. Als u met mij mee naar Babel wilt gaan, ga dan mee. Ik zal u in bescherming nemen. Maar als u liever niet met mij naar Babel wilt, doe het dan niet. Het hele land ligt voor u open; u kunt gaan en staan waar u wilt.’
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:7
Daniel 9:12
God heeft groot onheil over ons gebracht en het dreigement uitgevoerd dat hij tegen ons en onze leiders had geuit; in de hele wereld is nog niet gebeurd wat Jeruzalem is overkomen.
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:7
Klaagliederen 3:9
Hij verspert mij de weg met rotsblokken, mijn paden maakt hij krom.
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:7
Klaagliederen 1:14
Hij heeft mijn overtredingen gebundeld en ze vastgemaakt als een juk; ze drukken zwaar op mijn nek, mijn kracht is gebroken. De Heer heeft mij uitgeleverd aan hen bij wie ik weerloos ben.
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:7
Klaagliederen 5:5
We worden op de nek gezeten, we worden afgebeuld, ons wordt geen rust gegund.