Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
Ezechiel 24:25
'Mensenkind, op de dag dat ik hun vesting-hun stralende vreugde, hun liefste bezit, hun hartsverlangen-van hen wegneem, en ook hun zonen en dochters,
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
Psalmen 132:12
Houden je zonen zich aan mijn verbond, aan de richtlijnen die ik hun geef, dan zullen ook hun zonen voor altijd zetelen op je troon.'
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
Psalmen 96:9
Buig u voor de HEER in zijn heilige glorie, huiver, heel de aarde, als hij verschijnt.
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
2 Samuel 4:11
En nu hebben sluipmoordenaars als jullie een onschuldig man in zijn huis op zijn bed vermoord! Zou ik dan niet zijn bloed aan jullie wreken en jullie van de aarde wegvagen?'
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
Psalmen 50:2
Uit Sion, stad van volmaakte pracht, verschijnt God in stralend licht.
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
Jeremia 52:11
en toen liet hij Sedekia de ogen uitsteken. Daarna voerde hij hem geboeid met bronzen ketenen naar Babel, waar hij in de gevangenis werd gezet. Daar bleef hij tot de dag van zijn dood.
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
Jeremia 52:13
Hij stak de tempel van de HEER in brand, en ook het koninklijk paleis en alle andere huizen van Jeruzalem; alle huizen van de welgestelden gingen in vlammen op.
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
Jeremia 48:41
De steden worden ingenomen, de vestingen veroverd. Moabs helden sidderen en beven op die dag, zoals een vrouw in barensnood.
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
Ezechiel 7:20
Ik laat hen gruwen van hun rijke schatten, gruwen van de schatten die hun trots uitmaakten. Ze hebben er afschuwelijke beelden van gemaakt!
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
Deuteronomium 32:30
Want hoe zouden zij met één man duizend van jullie kunnen achtervolgen, met twee er tienduizend verjagen, als de HEER, jullie rots, je niet uitleverde?
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
Deuteronomium 28:25
De HEER zal de overwinning aan uw vijanden schenken: als één man gaat u op hen af, maar naar alle kanten zult u uiteenstuiven. Voor alle koninkrijken op aarde zult u als afschrikwekkend voorbeeld gelden.
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
Jesaja 4:5
dan zal hij boven de plaats waar de Sion ligt en waar men bijeenkomt, een wolk scheppen voor overdag en een lichtend vuur met rook en vlammen voor de nacht. Zijn luister zal alles overdekken,
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
Klaagliederen 2:1
Ach, hoe hult de Heer in zijn toorn Sion in donkere wolken. Hij heeft vanuit de hemel Israëls luister ter aarde geworpen, hij zag op de dag van zijn toorn niet naar zijn voetenbank om.
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
Jozua 7:12
Daarom kan het volk van Israël niet standhouden tegen zijn vijanden. Het zal voor zijn vijanden op de vlucht slaan, omdat het nu zelf aan de vernietiging is prijsgegeven. Ik zal jullie niet meer bijstaan als jullie je niet van de gestolen goederen ontdoen.
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
Jeremia 47:3
Daar klinkt de dreunende galop van machtige paarden, daar klinkt het ratelen van strijdwagens. Ouders letten niet meer op hun kinderen, ze staan verlamd van angst.
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
2 Koningen 19:21
en dit is wat ik, de HEER, over hem zeg: Vrouwe Sion minacht je, ze lacht je uit, meewarig schudt Jeruzalem haar hoofd.
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
Jesaja 12:6
Jubel en juich, inwoners van Sion, want groot is de Heilige van Israël, die in jullie midden woont.’
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
Ezechiel 24:21
tegen het volk van Israël te zeggen: "Dit zegt God, de HEER: Ik ga mijn heiligdom ontwijden, de plaats waaraan jullie je trots en kracht ontlenen, jullie liefste bezit, de plaats waarnaar jullie hart verlangt. De zonen en dochters die jullie daar achtergelaten hebben, zullen vallen door het zwaard.
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
Ezechiel 11:22
De cherubs spreidden hun vleugels uit, de wielen stonden naast hen en de stralende verschijning van de God van Israël bevond zich boven hen.
Gerelateerd aan Klaagliederen 1:6
Jeremia 13:18
Zeg tegen de koning en de koningin-moeder: Kom van je verheven zetel af, want jullie kostbare kroon, dat teken van vorstelijke waardigheid, zal vallen.
1
2