Gerelateerd aan Jozua 22:27

Gerelateerd aan Jozua 22:27

Jozua 24:27

'Deze steen, 'zei hij tegen het volk, 'is getuige, want hij heeft alles gehoord wat de HEER tegen ons heeft gezegd. Hij is dus getuige opdat u uw God niet afvallig wordt.'
Gerelateerd aan Jozua 22:27

Genesis 31:48

‘Deze steenhoop, ‘zei Laban, ‘is getuige van de overeenkomst tussen jou en mij.’ Daarom kreeg hij de naam Gal-Ed.
Gerelateerd aan Jozua 22:27

Deuteronomium 12:17

Het is niet toegestaan om in uw eigen woonplaats een feestmaal aan te richten van de tienden van uw koren, wijn en olie, of van uw eerstgeboren runderen, schapen en geiten, van uw gelofteoffers, uw vrijwillige gaven en de andere heffingen.
Gerelateerd aan Jozua 22:27

Jozua 22:34

De Rubenieten en Gadieten noemden het altaar 'Getuige'. 'Want, 'zeiden ze, 'het getuigt er voor u en voor ons van dat de HEER onze God is.'
Gerelateerd aan Jozua 22:27

Deuteronomium 12:5

U mag u daarvoor alleen naar de plaats begeven die hij in een van uw stamgebieden zal kiezen om er zijn naam te laten wonen. Ga dus naar de plaats waar hij woont
Gerelateerd aan Jozua 22:27

Deuteronomium 12:11

dan mag u zich alleen maar naar de ene plaats begeven die de HEER, uw God, zal uitkiezen om er zijn naam te laten wonen. Ga daar met alles wat u moet afdragen heen: de dieren voor uw brandoffers en vredeoffers, uw tienden en andere heffingen, en de bijzondere offers die u ter nakoming van een gelofte aan de HEER brengt.
Gerelateerd aan Jozua 22:27

Jozua 22:10

Toen ze bij de Jordaan waren gekomen bouwden ze, nog op de westelijke oever in Kanaän, een opvallend, groot altaar.
Gerelateerd aan Jozua 22:27

Genesis 31:52

zijn alle twee getuige van de afspraak dat ik niet met kwade bedoelingen voorbij deze steenhoop naar jou zal komen, en jij niet naar mij.
Gerelateerd aan Jozua 22:27

Deuteronomium 12:26

Maar alle gaven die de HEER toekomen en alles wat u hem hebt toegezegd, moet u meenemen naar de plaats die hij zal uitkiezen.
Gerelateerd aan Jozua 22:27

1 Samuel 7:12

Na afloop plaatste Samuël tussen Mispa en Sen een steen en noemde die Eben-Haëzer. 'Want, 'verklaarde hij, 'tot hier toe heeft de HEER ons geholpen.'