Gerelateerd aan Jozua 20:4

Gerelateerd aan Jozua 20:4

Jeremia 38:7

Ebed-Melech, een hoveling afkomstig uit Nubië, hoorde daarvan. Hij bevond zich in het koninklijk paleis, terwijl de koning zitting hield in de Benjaminpoort.
Gerelateerd aan Jozua 20:4

Job 5:4

Zijn kinderen vonden hulp noch bescherming, ze werden in de poort vertrapt en niemand schoot te hulp.
Gerelateerd aan Jozua 20:4

Ruth 4:1

Boaz was intussen naar de poort gegaan en daar gaan zitten. Toen kwam de man voorbij van wie hij gesproken had-zijn naam is niet van belang-en hij zei: 'Kom hier even bij me zitten.' De man deed wat hem gevraagd werd.
Gerelateerd aan Jozua 20:4

Job 29:7

Wanneer ik naar de stadspoort ging om mijn plaats op het plein in te nemen,
Gerelateerd aan Jozua 20:4

Hebreeën 6:18

Met deze twee onomkeerbare daden-die uitsluiten dat God liegt-heeft hij ons krachtig moed in willen spreken. Onze toevlucht is het vast te houden aan de hoop op wat voor ons in het verschiet ligt.
Gerelateerd aan Jozua 20:4

Spreuken 31:23

Haar man geniet bekendheid in de stad, hij vergadert met de oudsten in de poort.
Gerelateerd aan Jozua 20:4

Psalmen 26:9

Verwerp mij niet met de zondaars, met mensen die bloed vergieten.