SV
1En op den eersten dag der week ging Maria Magdalena vroeg, als het nog duister was, naar het graf; en zag den steen van het graf weggenomen.
2Zij liep dan, en kwam tot Simon Petrus en tot den anderen discipel, welken Jezus liefhad, en zeide tot hen: Zij hebben den Heere weggenomen uit het graf, en wij weten niet, waar zij Hem gelegd hebben.
3Petrus dan ging uit, en de andere discipel, en zij kwamen tot het graf.
Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de Staten Vertaling van 1637
KJV
1The first day of the week cometh Mary Magdalene early, when it was yet dark, unto the sepulchre, and seeth the stone taken away from the sepulchre.
2Then she runneth, and cometh to Simon Peter, and to the other disciple, whom Jesus loved, and saith unto them, They have taken away the Lord out of the sepulchre, and we know not where they have laid him.
3Peter therefore went forth, and that other disciple, and came to the sepulchre.
Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de King James Version