Gerelateerd aan Job 36:30

Gerelateerd aan Job 36:30

Job 38:34

Kan jouw stem de wolken bevelen om je met hun regenvloed te bedekken?
Gerelateerd aan Job 36:30

Psalmen 104:5

U hebt de aarde op pijlers vastgezet, tot in eeuwigheid wankelt zij niet.
Gerelateerd aan Job 36:30

Exodus 15:4

De wagens van de farao slingerde hij in zee. Daar, in de Rietzee, verdronk het leger, zijn beste officieren kwamen om.
Gerelateerd aan Job 36:30

Exodus 14:28

Het terugstromende water overspoelde het hele leger van de farao, al zijn wagens en ruiters, die achter de Israëlieten aan de zee in gereden waren; niet een van hen bleef in leven.
Gerelateerd aan Job 36:30

Genesis 1:9

God zei: ‘Het water onder de hemel moet naar één plaats stromen, zodat er droog land verschijnt.’ En zo gebeurde het.
Gerelateerd aan Job 36:30

Exodus 14:22

en zo konden de Israëlieten dwars door de zee gaan, over droog land; rechts en links van hen rees het water op als een muur.
Gerelateerd aan Job 36:30

Job 38:8

En wie sloot de zee af met een deur, toen ze uit de schoot van de aarde brak?
Gerelateerd aan Job 36:30

Lukas 17:24

Want zoals de bliksem licht geeft wanneer hij van de ene naar de andere kant van de hemel flitst, zo zal de Mensenzoon verschijnen.
Gerelateerd aan Job 36:30

Job 38:25

Wie heeft de geulen gekliefd voor de stromen, de weg voor donder en bliksem gebaand,
Gerelateerd aan Job 36:30

Psalmen 18:11

(18:12) Hij maakte van het donker zijn schuilplaats, trok een tent om zich heen van duister water, dichte wolken.