Gerelateerd aan Job 26:10
Gerelateerd aan Job 26:10
Job 38:8
En wie sloot de zee af met een deur, toen ze uit de schoot van de aarde brak?
Gerelateerd aan Job 26:10
Spreuken 8:29
toen hij aan de zeeën grenzen stelde, het water met zijn woord zijn plaats gaf, de fundamenten van de aarde legde.
Gerelateerd aan Job 26:10
Jeremia 5:22
Hebben jullie geen ontzag voor mij? -spreekt de HEER. Beven jullie niet voor mij? Ik heb met zand de zee aan banden gelegd, haar een vaste grens gesteld. Haar golven donderen, maar tevergeefs, ze bruisen onstuimig, maar worden gestuit.
Gerelateerd aan Job 26:10
Psalmen 33:7
Hij verzamelt het zeewater en sluit het in, hij bergt de oceanen in schatkamers weg.
Gerelateerd aan Job 26:10
Genesis 8:22
Zolang de aarde bestaat, zal er een tijd zijn om te zaaien en een tijd om te oogsten, zal er koude zijn en hitte, zomer en winter, dag en nacht-nooit komt daar een einde aan.
Gerelateerd aan Job 26:10
Jesaja 54:9
Dit is voor mij als bij de vloed van Noach: zoals ik heb gezworen dat het water van Noach nooit meer de aarde zou overspoelen, zo zweer ik dat mijn toorn jou niet meer treft en dat ik je nooit meer bedreig.
Gerelateerd aan Job 26:10
Psalmen 104:6
De oerzee bedekte haar als een kleed, tot boven de bergen stonden de wateren.