Gerelateerd aan Jesaja 51:2
Gerelateerd aan Jesaja 51:2
Ezechiel 33:24
'Mensenkind, de bewoners van de ruïnes in het land van Israël zeggen: "Abraham was maar alleen en toch kreeg hij heel het land in bezit; wij zijn met velen, dus is het land zeker aan ons gegeven en is het ons eigendom."
Gerelateerd aan Jesaja 51:2
Galaten 3:9
En dus wordt iedereen die gelooft samen met Abraham, de gelovige, gezegend.
Gerelateerd aan Jesaja 51:2
Genesis 18:11
Nu waren Abraham en zij op hoge leeftijd gekomen en de jaren dat een vrouw vruchtbaar is, lagen al ver achter haar.
Gerelateerd aan Jesaja 51:2
Genesis 22:17
zal ik je rijkelijk zegenen en je zoveel nakomelingen geven als er sterren aan de hemel zijn en zandkorrels op het strand langs de zee, en je nakomelingen zullen de steden van hun vijanden in bezit krijgen.
Gerelateerd aan Jesaja 51:2
Genesis 13:14
Nadat Lot was weggegaan, zei de HEER tegen Abram: ‘Kijk eens goed om je heen, kijk vanaf de plaats waar je nu staat naar het noorden, het zuiden, het oosten en het westen.
Gerelateerd aan Jesaja 51:2
Genesis 12:1
De HEER zei tegen Abram: ‘Trek weg uit je land, verlaat je familie, verlaat ook je naaste verwanten, en ga naar het land dat ik je zal wijzen.
Gerelateerd aan Jesaja 51:2
Jozua 24:3
Maar ik heb jullie stamvader Abraham daar weggehaald en hem door heel Kanaän laten trekken. Ik schonk hem een groot aantal nakomelingen. Ik gaf hem Isaak als zoon
Gerelateerd aan Jesaja 51:2
Genesis 24:1
Abraham was inmiddels op hoge leeftijd gekomen en de HEER had hem in alle opzichten gezegend.
Gerelateerd aan Jesaja 51:2
Genesis 15:4
Maar de HEER sprak opnieuw tot hem: ‘Nee, niet je dienaar zal jouw bezittingen erven, maar een kind dat jijzelf zult verwekken.’
Gerelateerd aan Jesaja 51:2
Jesaja 29:22
Daarom-dit zegt de HEER, die Abraham bevrijd heeft, over de nakomelingen van Jakob: Jakob zal niet meer te schande staan, zijn gezicht niet meer van schaamte verbleken.
Gerelateerd aan Jesaja 51:2
Hebreeën 11:8
Door zijn geloof ging Abraham, toen hij geroepen werd, gehoorzaam op weg naar een plaats die hij in bezit zou krijgen, en hij ging op weg zonder te weten waarheen.
Gerelateerd aan Jesaja 51:2
Romeinen 4:1
Wat moeten wij nu zeggen over onze stamvader Abraham?
Gerelateerd aan Jesaja 51:2
Genesis 24:35
De HEER heeft mijn meester overvloedig gezegend, zodat hij rijk is geworden: hij heeft hem schapen, geiten en runderen gegeven, zilver en goud, slaven en slavinnen, kamelen en ezels.
Gerelateerd aan Jesaja 51:2
Genesis 15:1
Enige tijd later richtte de HEER zich tot Abram in een visioen: ‘Wees niet bang, Abram: ikzelf zal jou als een schild beschermen. Je loon zal vorstelijk zijn.’
Gerelateerd aan Jesaja 51:2
Nehemia 9:7
U bent de HEER, de God die Abram heeft uitgekozen, die hem uit Ur, de stad van de Chaldeeën, heeft geleid, die zijn naam veranderd heeft in Abraham.
Gerelateerd aan Jesaja 51:2
Romeinen 4:16
Maar de belofte had alles te maken met vertrouwen omdat ze een gave van God moest zijn, want alleen zo kon ze voor heel het nageslacht blijven gelden. Niet alleen voor wie de wet heeft, maar ook voor wie op God vertrouwt zoals Abraham, die de vader van ons allen is.