Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Maleachi 1:4
Edom kan zeggen: 'Al zijn we verslagen, we bouwen de puinhopen weer op, 'maar dit zegt de HEER van de hemelse machten: Ze kunnen bouwen zo veel ze willen, ik zal het weer afbreken. 'Goddeloos land' zal men het noemen, en ook: 'Het volk waarop de HEER voor eeuwig verbolgen is'.
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Jesaja 63:1
‘Wie is het die uit Edom komt, uit Bosra, in purper gekleed, met praal getooid, die zich groots en machtig verheft?’ Ik ben het die in gerechtigheid spreekt en bij machte is te redden.
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Jeremia 46:10
Het is een dag van wraak voor de HEER, de God van de hemelse machten. Hij wreekt zich op zijn vijanden. Zijn zwaard doet zich te goed, het drinkt en raakt verzadigd van hun bloed. De HEER, de God van de hemelse machten, richt een slachting aan, in het noorden, bij de Eufraat.
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Amos 1:11
Dit zegt de HEER: Misdaad op misdaad heeft Edom begaan: ze hebben hun broeders met het zwaard achtervolgd, zonder enig medelijden. Hun woede was onverzadigbaar, ontembaar hun razernij. Daarom zal ik mijn vonnis niet herroepen.
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Jeremia 49:7
Dit zegt de HEER van de hemelse machten over Edom: Is er geen wijsheid meer in Teman, gaat men daar niet langer met verstand te werk, is elk inzicht daar verdwenen?
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Ezechiel 25:12
Dit zegt God, de HEER: Edom heeft zich op het volk van Juda gewroken en zo een zeer zware schuld op zich geladen.
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Ezechiel 21:3
(21:8) Zeg: "Dit zegt de HEER: Ik keer me tegen je, ik trek mijn zwaard uit de schede en ik zal je inwoners uitroeien, de schuldigen en de onschuldigen.
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Mattheüs 25:41
Daarop zal hij ook de groep aan zijn linkerzijde toespreken: “Jullie zijn vervloekt, verdwijn uit mijn ogen naar het eeuwige vuur dat bestemd is voor de duivel en zijn engelen.
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Zefanja 2:12
Nubiërs, jullie worden door mijn zwaard doorboord!
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Deuteronomium 32:14
met melk van koeien en geiten, met vlees van Basans rammen, met vet van lammeren en bokken, met de fijnste bloem van tarwe en met wijn, het bloed van druiven.
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Deuteronomium 27:15
“Vervloekt is eenieder die een godenbeeld maakt en het op een geheime plaats bewaart; in de ogen van de HEER is het een gruwelijk maaksel van mensenhanden.” En heel het volk moet antwoorden: “Amen.”
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Deuteronomium 29:18
(29:17) Mogelijk is er hier een man of vrouw, of zelfs een familie of stam, die op dit moment liever de HEER, onze God, zou willen verlaten om de goden van die volken te gaan vereren; mogelijk sluimert er zo’n giftige kiem in ons midden.
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Jesaja 24:6
Daarom verslindt een vloek de aarde en moeten haar bewoners boeten; daarom wordt hun aantal zo klein en blijven er nog weinig mensen over.
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Psalmen 137:7
Gedenk, HEER, de dag van Jeruzalems val, toen het volk van Edom zei: 'Neer met die stad, neer, maak haar met de grond gelijk.'
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Ezechiel 21:9
(21:14) 'Mensenkind, profeteer, zeg: "Dit zegt de HEER: Er is een zwaard gewet, er is een zwaard geslepen,
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Obadja 1:1
De profetie van Obadja. De HEER heeft een bode gestuurd naar alle volken; ook wij hebben zijn boodschap gehoord: 'Kom, laten we ten strijde trekken tegen Edom!' Dit is wat God, de HEER , over dat volk zegt:
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Jeremia 47:6
Hoe lang nog, zwaard van de HEER, blijf je razen? Kom tot rust, keer naar je schede terug, wees stil, bedaar.
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Psalmen 17:13
Sta op, HEER, ga op hem af en druk hem tegen de grond. Laat uw zwaard mij bevrijden van de goddelozen,
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
Deuteronomium 32:41
Ik wet mijn bliksemend zwaard, ik ga het vonnis voltrekken. Ik zal mij wreken op mijn vijanden, ik reken af met wie mij haatten.
Gerelateerd aan Jesaja 34:5
2 Petrus 2:14
Hun ogen zijn voortdurend op zoek naar overspel en ze zondigen onophoudelijk, ze verleiden onstandvastige zielen en zijn een en al hebzucht. Vervloekt zijn ze!
1
2