Gerelateerd aan Jesaja 30:31

Gerelateerd aan Jesaja 30:31

Jesaja 10:5

Wee Assyrië, gesel van mijn toorn, stok waarmee ik in mijn woede sla.
Gerelateerd aan Jesaja 30:31

Jesaja 9:4

(9:3) Het juk dat op hen drukte, de stok op hun schouder, de zweep van de drijver, u hebt ze verbrijzeld, zoals Midjan destijds.
Gerelateerd aan Jesaja 30:31

Jesaja 11:4

Over de zwakken velt hij een rechtvaardig oordeel, de armen in het land geeft hij een eerlijk vonnis. Hij tuchtigt de aarde met de gesel van zijn mond, met de adem van zijn lippen doodt hij de schuldigen.
Gerelateerd aan Jesaja 30:31

Jesaja 10:24

Daarom-dit zegt God, de HEER van de hemelse machten: Wees niet bang, mijn volk, dat op de Sion woont, wees niet bang voor Assyrië, dat zijn stok heeft opgenomen om jullie te slaan, zoals eerder Egypte deed.
Gerelateerd aan Jesaja 30:31

Psalmen 17:13

Sta op, HEER, ga op hem af en druk hem tegen de grond. Laat uw zwaard mij bevrijden van de goddelozen,
Gerelateerd aan Jesaja 30:31

Jesaja 30:30

Dan zal de HEER zijn machtige stem laten horen en laten zien hoe zijn arm neerkomt, in grimmige toorn: met een verterend vuur, met wolkbreuken, stortbuien en hagelstenen.
Gerelateerd aan Jesaja 30:31

Jesaja 10:15

Schept een bijl op tegen wie ermee hakt? Verheft een zaag zich boven wie hem hanteert? Alsof de scepter heerst over wie hem vastheeft, alsof de stok optilt wie hem omhooghoudt!
Gerelateerd aan Jesaja 30:31

Psalmen 125:5

Maar wie een dwaalweg gaat: HEER, verdrijf hem en allen die onrecht doen. Vrede over Israël!
Gerelateerd aan Jesaja 30:31

Jesaja 37:32

want wie het overleven en ontkomen, zullen zich vanuit Jeruzalem, vanaf de Sion verspreiden. De HEER van de hemelse machten zal zich daarvoor beijveren.
Gerelateerd aan Jesaja 30:31

Jesaja 10:12

Maar zodra de Heer heeft afgerekend met de Sion en zich op Jeruzalem gewroken heeft, zal hij de koning van Assyrië straffen om zijn hoogmoedige houding en trotse blik.
Gerelateerd aan Jesaja 30:31

Micha 5:5

(5:4) en hij brengt vrede. Wanneer Assyrië ons land binnenvalt en zijn voet in onze paleizen zet, zullen wij zeven herders doen opstaan, ja, acht vorsten uit mensen gekozen.