Gerelateerd aan Jesaja 3:26

Gerelateerd aan Jesaja 3:26

Klaagliederen 2:10

De oudsten van Sion zitten zwijgend op de grond, met stof op hun hoofd, gehuld in een rouwkleed. De meisjes van Jeruzalem buigen het hoofd ter aarde.
Gerelateerd aan Jesaja 3:26

Jeremia 14:2

‘Juda treurt, de steden kwijnen weg, in het zwart gehuld zit de bevolking op de grond, jammerklachten klinken uit Jeruzalem.
Gerelateerd aan Jesaja 3:26

Klaagliederen 1:4

De wegen naar Sion treuren, er zijn geen feestgangers meer. Haar poorten liggen verlaten, haar priesters zuchten, haar meisjes zijn bedroefd. En zijzelf: bitter is haar lot.
Gerelateerd aan Jesaja 3:26

Job 2:13

Zeven dagen en zeven nachten bleven ze naast hem op de grond zitten zonder iets tegen hem te zeggen, want ze zagen hoe vreselijk hij leed.
Gerelateerd aan Jesaja 3:26

Lukas 19:44

Ze zullen je met de grond gelijk maken en je kinderen verdelgen, en ze zullen geen steen op de andere laten, omdat je de tijd van Gods ontferming niet hebt herkend.’
Gerelateerd aan Jesaja 3:26

Ezechiel 26:16

Alle vorsten van de zee zullen van hun troon afdalen, hun mantels afleggen en hun kleurige gewaden uittrekken, gehuld in het kleed van de angst zullen ze op de grond gaan zitten, onophoudelijk bevend, verbijsterd over je val.
Gerelateerd aan Jesaja 3:26

Job 2:8

Job pakte een potscherf om zich te krabben, terwijl hij in het stof en het vuil zat.
Gerelateerd aan Jesaja 3:26

Jesaja 47:1

Kom van je troon af, zet je neer in het stof, vrouwe Babel; kies een zitplaats op de grond, vrouwe Chaldea. Niet langer noemt men je teergevoelig en verfijnd.