Gerelateerd aan Jeremia 52:31-34

Gerelateerd aan Jeremia 52:31

Psalmen 3:3

(3:4) U, HEER, bent een schild om mij heen, u bent mijn eer, u houdt mij staande.
Gerelateerd aan Jeremia 52:31

2 Koningen 25:27

In het zevenendertigste jaar van de ballingschap van koning Jojachin van Juda, op de zevenentwintigste dag van de twaalfde maand, verleende koning Ewil-Merodach van Babylonië hem ter gelegenheid van zijn troonsbestijging gratie en ontsloeg hij hem uit de gevangenis.
Gerelateerd aan Jeremia 52:31

Psalmen 27:6

Daarom heft zich mijn hoofd fier boven de vijanden rondom mij, ik wil offers brengen in zijn tent, hem juichend offers brengen, ik wil zingen en spelen voor de HEER.
Gerelateerd aan Jeremia 52:31

Genesis 40:13

Over drie dagen zal de farao u een hoge plaats geven en u in uw ambt herstellen, en dan zult u de farao zijn beker weer aanreiken, zoals voorheen, toen u zijn schenker was.
Gerelateerd aan Jeremia 52:31

Spreuken 21:1

De gedachten van de koning zijn als waterstromen in de macht van de HEER, hij leidt ze waarheen hij maar wil.
Gerelateerd aan Jeremia 52:31

Job 22:29

Als rampspoed iemand velt en jij zegt: "Sta op!", dan redt God hem, die het hoofd moest buigen.
Gerelateerd aan Jeremia 52:31

Genesis 40:20

Drie dagen daarna gaf de farao een groot feest voor al zijn dienaren, ter gelegenheid van zijn verjaardag. Zowel de schenker als de bakker gaf hij in het bijzijn van zijn dienaren een hoge plaats:
Gerelateerd aan Jeremia 52:32

Spreuken 12:25

Kommer maakt een mens neerslachtig, een hartelijk woord beurt hem op.
Gerelateerd aan Jeremia 52:32

Daniel 5:18

Majesteit-God, de Hoogste, heeft uw vader Nebukadnessar koninklijke macht, aanzien, eer en majesteit geschonken,
Gerelateerd aan Jeremia 52:32

Jeremia 27:6

Ik heb jullie landen nu allemaal in handen gegeven van mijn dienaar, koning Nebukadnessar van Babylonië; zelfs de wilde dieren heb ik aan hem onderworpen.
Gerelateerd aan Jeremia 52:32

Daniel 2:37

U, majesteit, koning der koningen, aan wie de God van de hemel het koningschap, en macht, kracht en eer heeft verleend,
Gerelateerd aan Jeremia 52:33

2 Samuel 9:7

Daarop zei David tegen hem: 'Wees niet bang, ik verzeker u dat ik u goed zal behandelen, dat ben ik aan uw vader Jonatan verplicht. Ik zal u het land van uw grootvader Saul teruggeven, en voortaan bent u aan mijn tafel te gast.'
Gerelateerd aan Jeremia 52:33

1 Koningen 2:7

Maar de zonen van Barzillai uit Gilead moet je goed behandelen. Laat hen aan je hof te gast zijn, want zij hebben mij gastvrij onthaald toen ik op de vlucht was voor je broer Absalom.
Gerelateerd aan Jeremia 52:33

Genesis 41:42

en hij deed zijn zegelring af, schoof die aan Jozefs vinger, gaf hem kleren van fijn linnen en hing hem een gouden keten om de hals.
Gerelateerd aan Jeremia 52:33

2 Samuel 9:13

Mefiboset woonde in Jeruzalem en was opgenomen aan het hof. Hij had een gebrek aan beide benen.
Gerelateerd aan Jeremia 52:33

Genesis 41:14

Hierop gaf de farao bevel om Jozef bij hem te brengen. Onmiddellijk werd hij uit de kerker gehaald, hij werd geschoren en kreeg schone kleren aan. Toen hij voor de farao verscheen,
Gerelateerd aan Jeremia 52:33

Jesaja 61:1

De geest van God, de HEER, rust op mij, want de HEER heeft mij gezalfd. Om aan armen het goede nieuws te brengen heeft hij mij gezonden, om aan verslagen harten hoop te bieden, om aan gevangenen hun vrijlating bekend te maken en aan geketenden hun bevrijding,
Gerelateerd aan Jeremia 52:33

Psalmen 30:11

(30:12) U hebt mijn klacht veranderd in een dans, mijn rouwkleed weggenomen, mij in vreugde gehuld.
Gerelateerd aan Jeremia 52:33

Zacharia 3:4

Deze zei tegen degenen die voor hem stonden: 'Trek hem die vuile kleren uit.' En tegen Jozua zei hij: 'Hierbij reinig ik je van alle schuld en kleed ik je in een feestelijk gewaad.'
Gerelateerd aan Jeremia 52:34

2 Samuel 9:10

(10-12) U zult voor hem de grond bewerken, samen met uw zonen en knechten, en de opbrengst afdragen aan de kleinzoon van uw meester, zodat hij ervan leven kan. En Mefiboset, de kleinzoon van uw meester, is voortaan aan mijn tafel te gast.' Siba antwoordde de koning: 'Zoals u beveelt, mijn heer en koning. Het zal gebeuren.' Zo werd Mefiboset aan het hof opgenomen en behandeld als een van de koningszonen. Hij had een zoontje, dat Micha heette. Siba, die zelf vijftien zonen en twintig knechten had, was met alle leden van zijn huishouding in dienst bij Mefiboset.
1
2
Volgende