Gerelateerd aan Jeremia 50:7

Gerelateerd aan Jeremia 50:7

Jeremia 2:3

Israël is aan de HEER gewijd, het is de eerste vrucht van zijn oogst. Wie het verslindt, laadt schuld op zich, hij wordt door onheil getroffen- spreekt de HEER.
Gerelateerd aan Jeremia 50:7

Jeremia 14:8

Bron van hoop voor Israël, redder in tijden van nood, waarom bent u als een vreemdeling in dit land, als een reiziger die maar één nacht blijft?
Gerelateerd aan Jeremia 50:7

Zacharia 11:5

Hun kopers kunnen ze zonder wroeging slachten, de verkopers danken de HEER dat ze er rijk van worden, en de herders sparen het vee niet.
Gerelateerd aan Jeremia 50:7

Jeremia 40:2

De commandant van de lijfwacht nam Jeremia apart en zei: ‘De HEER, uw God, heeft Juda dit onheil aangekondigd,
Gerelateerd aan Jeremia 50:7

Jeremia 31:23

Dit zegt de HEER van de hemelse machten, de God van Israël: Ik zal hun lot ten goede keren, en dan zal in de steden van Juda, in het hele land, opnieuw te horen zijn: “Moge de HEER je zegenen, Jeruzalem, woonplaats van gerechtigheid, heilige berg!”
Gerelateerd aan Jeremia 50:7

Jeremia 50:33

Dit zegt de HEER van de hemelse machten: Ook al wordt het volk van Israël verdrukt, samen met het volk van Juda, ook al houdt hun vijand hen vast en mogen ze van hem niet gaan-
Gerelateerd aan Jeremia 50:7

Jesaja 47:6

Ik was tegen mijn volk in woede ontstoken, ik heb mijn eigen land ontwijd. Ik heb mijn volk aan jou uitgeleverd en je hebt het niet ontzien, zelfs de oudsten heb je een zeer zwaar juk opgelegd.
Gerelateerd aan Jeremia 50:7

Jesaja 56:9

Laat de dieren van het veld komen om te eten, en alle dieren uit het woud.
Gerelateerd aan Jeremia 50:7

Psalmen 79:7

want zij hebben Jakob verslonden en zijn woonplaats verwoest.
Gerelateerd aan Jeremia 50:7

Psalmen 22:4

(22:5) Op u hebben onze voorouders vertrouwd; zij hebben vertrouwd en u verloste hen,
Gerelateerd aan Jeremia 50:7

Jeremia 50:17

Israël was een dolend schaap, door leeuwen van de kudde verdreven. Eerst viel het ten prooi aan de koning van Assyrië, een ander kloof daarna de botten af: Nebukadnessar, de koning van Babylonië.
Gerelateerd aan Jeremia 50:7

Daniel 9:6

en wij hebben niet geluisterd naar uw dienaren, de profeten, die in uw naam tot onze koningen, onze vorsten, onze oudsten en tot het hele volk gesproken hebben.
Gerelateerd aan Jeremia 50:7

Psalmen 90:1

Een gebed van Mozes, de godsman. Heer, u bent ons een toevlucht geweest van geslacht op geslacht.
Gerelateerd aan Jeremia 50:7

1 Timotheüs 1:1

Van Paulus, apostel van Christus Jezus in opdracht van God, onze redder, en van Christus Jezus, onze hoop.
Gerelateerd aan Jeremia 50:7

Zacharia 1:15

en ziedend van woede ben ik op de zelfgenoegzame volken. Ik had mijn toorn immers al weer laten varen, maar zij hebben mijn volk steeds harder aangepakt.
Gerelateerd aan Jeremia 50:7

Daniel 9:16

Heer, u bent rechtvaardig, bevrijd toch uw stad Jeruzalem, uw heilige berg, van uw hevige toorn; want om onze zonden en om de overtredingen van onze voorouders worden Jeruzalem en uw volk te schande gemaakt bij alle volken om ons heen.
Gerelateerd aan Jeremia 50:7

Psalmen 91:1

Wie in de beschutting van de Allerhoogste woont en overnacht in de schaduw van de Ontzagwekkende,
Gerelateerd aan Jeremia 50:7

Jeremia 12:7

Ik heb mijn volk verlaten, mijn bezit opgegeven, mijn zielsbeminde aan haar vijanden overgeleverd.
Gerelateerd aan Jeremia 50:7

Jesaja 9:12

(9:11) vanuit het oosten viel Aram aan, vanuit het westen de Filistijnen, en zij verslonden Israël met huid en haar. Maar nog is zijn woede niet bekoeld, nog is zijn hand tegen hen opgeheven.