Gerelateerd aan Jeremia 36:6
Gerelateerd aan Jeremia 36:6
Jeremia 36:8
Baruch, de zoon van Neria, deed wat de profeet Jeremia hem had opgedragen. In de tempel van de HEER las hij uit de boekrol voor wat de HEER had gezegd.
Gerelateerd aan Jeremia 36:6
Jeremia 26:2
‘Dit zegt de HEER: Ga in de voorhof van mijn tempel staan en spreek tot allen die uit de steden van Juda zijn gekomen om mij in de tempel te vereren. Zeg hun alles wat ik je opdraag en laat niets achterwege.
Gerelateerd aan Jeremia 36:6
Leviticus 16:29
De volgende bepaling blijft voor jullie voor altijd van kracht: De tiende dag van de zevende maand moeten jullie in onthouding doorbrengen en je mag dan geen enkele bezigheid verrichten, geboren Israëlieten evenmin als de vreemdelingen die bij jullie wonen.
Gerelateerd aan Jeremia 36:6
Jeremia 18:11
Daarom, zeg tegen de inwoners van Juda en Jeruzalem: Dit zegt de HEER: Uit mijn hand komt onheil over jullie en ik beraam kwade plannen. Breek met je kwalijke praktijken, beter je leven.
Gerelateerd aan Jeremia 36:6
Jeremia 19:14
En Jeremia ging vanuit Tofet, waar de HEER hem naartoe gezonden had om te profeteren, naar de voorhof van de tempel en zei tegen de aanwezigen:
Gerelateerd aan Jeremia 36:6
Jeremia 7:2
‘Ga in de tempelpoort staan en verkondig deze boodschap: Luister naar de woorden van de HEER, Judeeërs; luister, jullie die door deze poorten naar binnen gaan om de HEER te vereren.
Gerelateerd aan Jeremia 36:6
Handelingen 27:9
Er was al geruime tijd verstreken en ook de tijd van het vasten was al voorbij, zodat het gevaarlijk werd om uit te varen. Daarom waarschuwde Paulus de bemanning als volgt:
Gerelateerd aan Jeremia 36:6
Leviticus 23:27
'Neem dit in acht: De tiende dag van de zevende maand is het Grote verzoendag, een dag die jullie als heilige dag samen moeten vieren. Jullie moeten die dag in onthouding doorbrengen en de HEER een offergave aanbieden.
Gerelateerd aan Jeremia 36:6
Jeremia 22:2
Luister naar de woorden van de HEER, koning van Juda. U die op de troon van David zit, luister, samen met uw hovelingen en uw onderdanen, die door deze poorten naar binnen gaan.
Gerelateerd aan Jeremia 36:6
Ezechiel 2:3
'Mensenkind, ik stuur jou naar de Israëlieten, naar dat weerspannige volk dat tegen mij in opstand is gekomen. Tot op de dag van vandaag verzetten ze zich tegen mij, zoals ook hun voorouders hebben gedaan.