Gerelateerd aan Jeremia 31:40
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
Joel 3:17
(4:17) Dan zullen jullie inzien dat ik, de HEER, jullie God, woon op de Sion, mijn heilige berg. Jeruzalem zal een heilige stad zijn; vreemden zullen er niet meer binnengaan.
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
2 Samuel 15:23
Het volk jammerde luidkeels terwijl het leger voorbijtrok. Toen de koning de Kidron overstak en het leger de weg naar de woestijn insloeg,
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
2 Koningen 11:16
Atalja werd weggeleid en door de Paardenpoort naar het paleis gevoerd, waar ze ter dood werd gebracht.
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
Johannes 18:1
Nadat Jezus dit alles gezegd had, ging hij met zijn leerlingen naar de overkant van de Kidronbeek. Daar liep hij een olijfgaard in, met zijn leerlingen.
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
2 Kronieken 23:15
Atalja werd weggeleid en naar het paleis gevoerd. Zodra ze de Paardenpoort had bereikt, werd ze ter dood gebracht.
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
2 Koningen 23:6
Hij liet de Asjerapaal uit de tempel van de HEER verwijderen en buiten de stad brengen, naar de bedding van de Kidron. Daar werd hij verbrand, en de resten werden verpulverd en over de begraafplaats van het gewone volk uitgestrooid.
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
Zacharia 14:20
Als die tijd aanbreekt, zal zelfs op de bellen van de paarden gegraveerd staan: 'Aan de HEER gewijd'. De kookpotten in de tempel zullen dienen als offerschalen voor het altaar.
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
Nehemia 3:28
De priesters waren aan het werk in het gedeelte boven de Paardenpoort, ieder tegenover zijn eigen huis.
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
2 Koningen 23:12
Hij liet de altaren afbreken die de koningen van Juda op het dak van het bovenvertrek van Achaz hadden geplaatst, en ook de altaren die Manasse op de beide voorhoven van de tempel had laten maken. Het puin liet hij zo snel mogelijk afvoeren en in de bedding van de Kidron storten.
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
Jeremia 8:2
en ze uitspreiden voor de zon, de maan en het sterrenleger aan de hemel. Die vereerden ze met zoveel overgave en die volgden ze, die vroegen ze om raad en daarvoor knielden ze. De beenderen zullen niet worden verzameld en begraven, maar als mest op de akkers blijven liggen.
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
Ezechiel 39:29
Ik zal mijn geest over het volk van Israël uitgieten en mijn gelaat niet meer voor hen verbergen-zo spreekt God, de HEER."'
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
Jeremia 32:36
Maar toch-dit zegt de HEER, de God van Israël, over deze stad, waarover jullie zeggen: “Door het zwaard, de honger en de pest valt ze de koning van Babylonië in handen”:
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
Ezechiel 45:1
Wanneer jullie het land door loting verdelen, moet je een stuk van het land als heilige gave aan de HEER afstaan, van 25.000 bij 20.000 el. Dat hele stuk zal heilig zijn.
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
Jeremia 18:7
De ene keer zeg ik tegen een volk en een koninkrijk dat ik het zal uitrukken, verwoesten en ombrengen-
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
Ezechiel 37:2
Ik moest er aan alle kanten omheen lopen, en zo zag ik dat er verspreid over het dal heel veel beenderen lagen, die helemaal waren uitgedroogd.
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
Ezechiel 37:25
Ze zullen wonen in het land dat ik aan mijn dienaar Jakob gegeven heb, het land van jullie voorouders. Zij en hun kinderen en de kinderen van hun kinderen zullen daar voor altijd wonen, en mijn dienaar David zal voor altijd hun vorst zijn.
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
Jeremia 19:11
en zeg tegen hen: Dit zegt de HEER van de hemelse machten: Zo zal ik dit volk en deze stad stukslaan. Zoals iemand een kruik aan stukken slaat, zo zal ik Tofet treffen-onherstelbaar. Omdat er nergens anders plaats meer is, zullen ze hun doden zelfs in dit dal begraven.
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
Jeremia 7:31
en in het Hinnomdal de offerplaats Tofet gebouwd om er hun zonen en dochters te verbranden. Ik heb dat nooit geboden, ik heb dat nooit gewild.
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
Ezechiel 48:35
De omtrek van de stad bedraagt 18.000 el. Voortaan heet de stad: 'De HEER is daar!'
Gerelateerd aan Jeremia 31:40
Jesaja 51:22
Dit zegt je God, de HEER, de God die het opneemt voor zijn volk: Ik neem de bedwelmende beker uit je hand, de kelk, de beker van mijn toorn, je hoeft er niet meer uit te drinken.