Gerelateerd aan Jeremia 31:38
Gerelateerd aan Jeremia 31:38
2 Koningen 14:13
De koning van Juda, Amasja, de zoon van Joas, de zoon van Achazja, werd in Bet-Semes door koning Joas van Israël gevangengenomen. Vervolgens trok koning Joas op naar Jeruzalem en sloeg een bres van vierhonderd el in de stadsmuur, van de Efraïmpoort tot aan de Hoekpoort.
Gerelateerd aan Jeremia 31:38
Zacharia 14:10
Het hele land wordt zo vlak als de Jordaanvallei, van Geba in het noorden tot aan Rimmon in het zuiden. Maar Jeruzalem zal zijn hoogverheven plaats behouden. Van de Benjaminpoort tot aan de oude poort, de Hoekpoort, en van de Chananeltoren tot aan de koninklijke perskuipen
Gerelateerd aan Jeremia 31:38
Jeremia 30:18
Dit zegt de HEER: Ik keer het lot van Jakobs tenten ten goede, ik zal me om zijn woningen bekommeren. De steden zullen uit de as herrijzen, paleizen worden in hun oude pracht hersteld.
Gerelateerd aan Jeremia 31:38
Jeremia 31:27
‘De dag zal komen-spreekt de HEER -dat ik Israël en Juda zal inzaaien met mensen en met dieren.
Gerelateerd aan Jeremia 31:38
2 Kronieken 26:9
In Jeruzalem versterkte hij de stadsmuur en richtte hij torens op bij de Hoekpoort, de Dalpoort en de Punt.
Gerelateerd aan Jeremia 31:38
Jeremia 23:5
De dag zal komen-spreekt de HEER -dat ik aan Davids stam een rechtmatige telg laat ontspruiten, die als koning een wijs beleid zal voeren en die in het land recht en gerechtigheid zal handhaven.
Gerelateerd aan Jeremia 31:38
Ezechiel 48:30
Dit zijn de omtrekken van de stad. Aan de noordkant meet ze 4500 el.
Gerelateerd aan Jeremia 31:38
Jesaja 44:28
Die over Cyrus zegt: ‘Dit is mijn herder, alles wat ik wil, brengt hij ten uitvoer: hij geeft opdracht om Jeruzalem te herbouwen en voor de tempel de fundering te leggen.’
Gerelateerd aan Jeremia 31:38
Nehemia 12:30
De priesters en de Levieten reinigden niet alleen zichzelf, maar ook het volk, de poorten en de muur.
Gerelateerd aan Jeremia 31:38
Nehemia 2:17
Maar nu zei ik tegen hen: 'U ziet in welke ellende wij verkeren: Jeruzalem ligt in puin en de poorten zijn in vlammen opgegaan. Laten we de stadsmuur weer opbouwen, zodat we niet langer het mikpunt van spot zijn.'
Gerelateerd aan Jeremia 31:38
Daniel 9:25
Je moet weten en begrijpen: Vanaf het ogenblik waarop het woord is uitgegaan dat Jeruzalem hersteld en weer opgebouwd zal worden tot het tijdstip waarop een gezalfde vorst verschijnt, zullen zeven weken verstrijken; en het herstel en de wederopbouw van de stad, met pleinen en wallen en al, zal tweeënzestig weken duren, en het zal een tijd van verdrukking zijn.