Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Jesaja 65:7
en die van je voorouders erbij-zegt de HEER; ook zij hebben wierook gebrand op de bergen en mij gehoond op de heuvels. Ik heb hun loon van tevoren bepaald, ze krijgen het allemaal terug.
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Ezechiel 24:13
Jouw onreinheid is je schande; omdat je niet rein bent geworden toen ik je wilde reinigen, zul je van je onreinheid niet meer worden gezuiverd voordat ik mijn woede op je heb gekoeld.
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Ezechiel 6:13
Wanneer de doden rondom de altaren liggen, midden tussen de afgodsbeelden, op alle hoge heuvels en op alle bergtoppen, onder elke bladerrijke boom en onder elke schaduwrijke terebint, op elke plaats waar ze offers hebben gebracht om hun afgoden te behagen-dan zullen jullie beseffen dat ik de HEER ben.
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Hosea 8:5
Want je stierkalf wijst je af, Samaria! Ook ik ben woedend op je: zul je dan nooit tot zuiverheid in staat zijn?
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Ezechiel 36:37
Dit zegt God, de HEER: Ook dit verlangen van het volk van Israël zal ik in vervulling laten gaan: ik zal het volk zo talrijk maken als een kudde schapen;
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Jeremia 2:20
Je brak je juk steeds weer in stukken, rukte je riemen los en zei: “Ik wil niet dienstbaar zijn.” Maar op elke hoge heuvel, onder elke bladerrijke boom, lag je als een hoer te wachten.
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Spreuken 1:22
'Hoe lang nog, onnozele mensen, hechten jullie aan je onvolwassenheid, willen jullie, spotters, blijven spotten, haten jullie, dwazen, kennis?
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Jeremia 5:7
‘Waarom zou ik jullie vergeven? Jullie kinderen hebben mij verlaten, zij zwoeren bij wat geen goden zijn. Ik schonk hun overvloed, maar zij pleegden overspel, bij hoeren zijn ze kind aan huis.
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Hosea 4:2
Het is een en al meineed en bedrog, niets dan moord, diefstal en overspel; het ene bloedbad volgt op het andere.
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Ezechiel 2:10
Die werd voor mijn ogen uitgerold en ik zag dat hij aan beide kanten beschreven was. Dit stond erop te lezen: Klaagliederen, en gezucht en gesteun.
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Jakobus 4:4
Trouwelozen! Beseft u dan niet dat vriendschap met de wereld vijandschap jegens God betekent? Wie bevriend wil zijn met de wereld, maakt zich tot vijand van God.
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Ezechiel 36:25
Ik zal zuiver water over jullie uitgieten om jullie te reinigen van alles wat onrein is, van al jullie afgoden.
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
2 Korinthe 7:1
Omdat ons deze beloften zijn gegeven, geliefde broeders en zusters, moeten we onszelf reinigen van alle lichamelijke en geestelijke smetten en vol ontzag voor God ons hele leven heiligen.
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Ezechiel 23:2
(2-4) 'Mensenkind, er waren eens twee vrouwen, dochters van dezelfde moeder. De oudste heette Ohola, haar zuster Oholiba. Al toen ze jong waren, waren ze ontrouw, in Egypte. Daar werden hun borsten betast en lieten ze zich, terwijl ze nog maagd waren, in hun tepels knijpen. Daarna werden ze de mijne, en ze baarden zonen en dochters. (Wat hun namen betreft: Ohola is Samaria en Oholiba is Jeruzalem.)
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Ezechiel 16:15
Maar je werd overmoedig omdat je zo mooi was en zo beroemd. Je was ontrouw en pleegde overspel met elke voorbijganger, je bood je aan iedereen aan!
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Mattheüs 11:21
‘Wee Chorazin, wee Betsaïda, want als in Tyrus en Sidon de wonderen waren gebeurd die bij jullie gebeurd zijn, dan zouden de inwoners van die steden zich allang in een boetekleed hebben gehuld en met stof op hun hoofd tot inkeer gekomen zijn.
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Zefanja 3:1
Wee de opstandige, bezoedelde, gewelddadige stad!
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Openbaring 8:13
In mijn visioen hoorde ik de luide roep van een adelaar die hoog in de lucht vloog: 'Wee! Wee! Wee de mensen die op aarde leven! Want dadelijk klinken de bazuinen van de drie engelen die nog niet geblazen hebben.'
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Jeremia 3:1
De HEER sprak: ‘Als een man van zijn vrouw scheidt en zij bij hem weggaat en de vrouw van een ander wordt, kan hij haar dan terugnemen? Wordt er dan geen smet op het land geworpen? Maar jij hebt met talloze minnaars overspel gepleegd, en je wilt toch weer bij me terugkomen? -spreekt de HEER.
Gerelateerd aan Jeremia 13:27
Jesaja 57:7
Je plaatste je bed op een hoogverheven berg, je ging de berg op om een offer te brengen.
1
2