SV2En zij zeggen niet in hun hart, dat Ik al hunner boosheid gedachtig ben; nu omsingelen hen hun handelingen, zij zijn voor Mijn aangezicht.Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de Staten Vertaling van 1637
KJV2And they consider not in their hearts that I remember all their wickedness: now their own doings have beset them about; they are before my face.Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de King James Version