SV13Zijn wangen zijn als een bed van specerijen, als welriekende torentjes; Zijn lippen zijn als lelien, druppende van vloeiende mirre.Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de Staten Vertaling van 1637
KJV13His cheeks are as a bed of spices, as sweet flowers: his lips like lilies, dropping sweet smelling myrrh.Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de King James Version