Gerelateerd aan Hooglied 3:4

Gerelateerd aan Hooglied 3:4

Spreuken 4:13

Laat mijn onderricht niet los, houd het vast, vergeet het nooit, het is je leven.
Gerelateerd aan Hooglied 3:4

Spreuken 8:17

Wie mij liefheeft, heb ik ook lief, wie mij zoekt, zal mij vinden.
Gerelateerd aan Hooglied 3:4

Hooglied 8:2

Dan nam ik je mee en bracht je in mijn moeders huis. Dat heb ik van haar geleerd. Ik gaf je kruidige wijn te drinken, van het sap van mijn granaatappel.
Gerelateerd aan Hooglied 3:4

Mattheüs 7:7

Vraag en er zal je gegeven worden, zoek en je zult vinden, klop en er zal voor je worden opengedaan.
Gerelateerd aan Hooglied 3:4

Galaten 4:26

Maar het hemelse Jeruzalem is vrij, en dat is onze moeder,
Gerelateerd aan Hooglied 3:4

Hooglied 7:5

(7:6) Je hoofd rijst op als de Karmel, omkruld door purperen lokken, waarin een koning ligt verstrikt.
Gerelateerd aan Hooglied 3:4

Jeremia 29:13

Jullie zullen mij zoeken en ook vinden, als jullie mij tenminste met hart en ziel zoeken.
Gerelateerd aan Hooglied 3:4

Johannes 20:16

Jezus zei tegen haar: ‘Maria!’ Ze draaide zich om en zei: ‘Rabboeni!‘ (Dat betekent ‘meester’.)
Gerelateerd aan Hooglied 3:4

Jesaja 55:6

Zoek de HEER nu hij zich laat vinden, roep hem terwijl hij nabij is.
Gerelateerd aan Hooglied 3:4

Klaagliederen 3:25

Goed is de HEER voor wie hem zoekt en alles van hem verwacht.
Gerelateerd aan Hooglied 3:4

Openbaring 3:11

Ik kom spoedig. Houd vast aan wat u hebt, dan zal niemand u de lauwerkrans kunnen afnemen.
Gerelateerd aan Hooglied 3:4

Jesaja 54:1

Jubel, onvruchtbare vrouw, jij die nooit een kind hebt gebaard; breek uit in gejuich en gejubel, jij die geen weeën hebt gekend. Want-zegt de HEER -,de kinderen van deze verstoten vrouw zullen talrijker zijn dan die van de gehuwde.
Gerelateerd aan Hooglied 3:4

Genesis 32:26

(32:27) Toen zei de ander: ‘Laat mij gaan, het wordt al dag.’ Maar Jakob zei: ‘Ik laat u niet gaan tenzij u mij zegent.’
Gerelateerd aan Hooglied 3:4

Jesaja 49:14

Sion zegt: ‘De HEER heeft mij verlaten, mijn Heer is mij vergeten.’
Gerelateerd aan Hooglied 3:4

Mattheüs 28:9

Op dat moment kwam Jezus hun tegemoet en groette hen. Ze liepen op hem toe, grepen zijn voeten vast en bewezen hem eer.
Gerelateerd aan Hooglied 3:4

Jesaja 45:19

Ik heb niet in het verborgene gesproken, ergens in een duister oord, ik heb Jakobs nageslacht niet gevraagd: ‘Zoek mij in de chaos.’ Nee, ik ben de HEER, al wat ik zeg is rechtvaardig, wat ik aankondig is waarachtig.
Gerelateerd aan Hooglied 3:4

Hosea 12:3

(12:4) Al in de moederschoot heeft hij zijn broer beetgenomen, en in de kracht van zijn leven worstelde hij met God.
Gerelateerd aan Hooglied 3:4

Hooglied 6:12

En plotseling voelde ik mij meegevoerd als op een wagen van mijn nobel volk.