Gerelateerd aan Hooglied 2:7

Gerelateerd aan Hooglied 2:7

Hooglied 3:5

Meisjes van Jeruzalem, ik bezweer je bij de gazellen, bij de hinden op het veld: wek de liefde niet, laat haar niet ontwaken voordat zij het wil.
Gerelateerd aan Hooglied 2:7

Hooglied 8:4

Meisjes van Jeruzalem, ik bezweer je: wek de liefde niet, laat haar niet ontwaken voordat zij het wil.
Gerelateerd aan Hooglied 2:7

Hooglied 1:5

Meisjes van Jeruzalem, donker ben ik, en mooi, als de tenten van Kedar, als het doek van Salomo's tenten.
Gerelateerd aan Hooglied 2:7

Hooglied 5:8

Ik bezweer je, meisjes van Jeruzalem, als jullie mijn lief vinden, wat zeggen jullie tegen hem? Dat ik ziek van liefde ben.
Gerelateerd aan Hooglied 2:7

Efeze 5:22

Vrouwen, erken het gezag van uw man als dat van de Heer,
Gerelateerd aan Hooglied 2:7

Mattheüs 26:63

Maar Jezus bleef zwijgen. De hogepriester zei: ‘Ik bezweer u bij de levende God, zeg ons of u de messias bent, de Zoon van God.’
Gerelateerd aan Hooglied 2:7

Spreuken 5:19

Ze is zo lieflijk als een hinde, bekoorlijk als een ree. Ze laat je altijd van haar borsten drinken, je kunt eindeloos verzinken in haar liefde.
Gerelateerd aan Hooglied 2:7

Hooglied 2:9

Als een gazelle is mijn lief, als het jong van een hert. Kijk! Hij staat al bij de muur. Hij blikt door het venster, tuurt door de spijlen.
Gerelateerd aan Hooglied 2:7

Hooglied 5:16

Zijn mond is zoet, aan hem is alles begeerlijk. Dit is mijn lief, dit is mijn vriend, meisjes van Jeruzalem!