Gerelateerd aan Handelingen 7:4
Gerelateerd aan Handelingen 7:4
Genesis 12:4
(4-5) Abram ging uit Charan weg, zoals de HEER hem had opgedragen. Hij was toen vijfenzeventig jaar. Hij nam zijn vrouw Sarai mee en Lot, de zoon van zijn broer, en ook alle bezittingen die ze hadden verworven en de slaven en slavinnen die ze in Charan hadden verkregen. Zo gingen ze op weg naar Kanaän. Toen ze daar waren aangekomen,
Gerelateerd aan Handelingen 7:4
Genesis 11:31
Terach verliet Ur, de stad van de Chaldeeën, en nam zijn zoon Abram met zich mee, evenals zijn kleinzoon Lot, de zoon van Haran, en zijn schoondochter Sarai, Abrams vrouw. Samen gingen ze op weg naar Kanaän. Maar toen ze in Charan waren aangekomen, bleven ze daar wonen.
Gerelateerd aan Handelingen 7:4
Jesaja 41:2
Wie liet in het oosten de overwinning dagen, wie heeft de bevrijder laten opstaan? Wie levert volken aan hem uit en onderwerpt koningen aan hem? Zijn zwaard maakt hen tot stof, zijn boog laat hen als kaf verwaaien;
Gerelateerd aan Handelingen 7:4
Jesaja 41:9
jou die ik heb weggehaald van de einden der aarde,die ik van haar verste uithoeken terugriep-jou zeg ik: Jij bent mijn dienaar, jou heb ik gekozen, ik heb je niet afgewezen.