Gerelateerd aan Genesis 47:1
Gerelateerd aan Genesis 47:1
Genesis 46:31
Jozef zei tegen zijn broers en zijn verdere familieleden: ‘Ik ga nu de farao op de hoogte brengen. Ik zal tegen hem zeggen: “Mijn broers en mijn andere familieleden zijn uit Kanaän naar mij toe gekomen.
Gerelateerd aan Genesis 47:1
Genesis 45:10
U kunt in Gosen wonen, dicht bij mij, met uw kinderen, uw kleinkinderen, uw schapen en geiten en runderen en wat u verder maar bezit.
Gerelateerd aan Genesis 47:1
Genesis 46:28
Jakob had Juda vooruitgestuurd naar Jozef, om van hem te horen welke weg naar Gosen leidde. Toen Jakob en zijn familie in Gosen waren aangekomen,
Gerelateerd aan Genesis 47:1
Hebreeën 2:11
Hij die heiligt en zij die geheiligd worden hebben een en dezelfde oorsprong, en daarom schaamt hij zich er niet voor hen zijn broeders en zusters te noemen
Gerelateerd aan Genesis 47:1
Exodus 9:26
Alleen in Gosen, het gebied waar de Israëlieten woonden, hagelde het niet.
Gerelateerd aan Genesis 47:1
Genesis 45:16
Toen het nieuws dat Jozefs broers gekomen waren, doorgedrongen was tot in het koninklijk paleis, waren de farao en zijn hovelingen verheugd.
Gerelateerd aan Genesis 47:1
Genesis 46:34
dan moeten jullie hem beleefd antwoorden dat jullie al van jongs af aan veefokkers zijn, net als jullie voorouders. Dan zullen jullie je wel hier in Gosen mogen vestigen, want de Egyptenaren hebben een afschuw van schaapherders.’
Gerelateerd aan Genesis 47:1
Exodus 8:22
(8:18) Maar ik zal die dag een uitzondering maken voor Gosen, het gebied waar mijn volk woont, daar zullen de steekvliegen niet komen. Zo zal ik u doen beseffen dat ik, de HEER, aanwezig ben in uw land.