32En die mannen zijn schaapherders; want het zijn mannen, die met vee omgaan; en zij hebben hun schapen, en hun runderen, en al wat zij hebben, medegebracht.
Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de Staten Vertaling van 1637
KJV
32And the men are shepherds, for their trade hath been to feed cattle; and they have brought their flocks, and their herds, and all that they have.
Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de King James Version
Helaas geen NBV vertaling meer. Binnen de huidige voorwaarden van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap is dit momenteel niet toegestaan.