Gerelateerd aan Genesis 37:36

Gerelateerd aan Genesis 37:36

Genesis 37:28

Toen er Midjanitische kooplieden uit de karavaan voorbijkwamen, trokken de broers Jozef uit de put en verkochten hem voor twintig sjekel, en die Ismaëlieten namen Jozef mee naar Egypte.
Gerelateerd aan Genesis 37:36

Genesis 40:4

(4-5) De commandant droeg Jozef op hen te bedienen. De schenker en de bakker van de koning hadden al geruime tijd in hechtenis gezeten toen ze allebei in dezelfde nacht een droom kregen, ieder een droom met een eigen betekenis.
Gerelateerd aan Genesis 37:36

Genesis 25:1

Abraham nam een andere vrouw, Ketura.
Gerelateerd aan Genesis 37:36

Genesis 39:1

Jozef was dus door de Ismaëlieten meegenomen naar Egypte, en daar was hij gekocht door Potifar, een vooraanstaand man die tot de hovelingen van de farao behoorde en het bevel voerde over zijn lijfwacht.
Gerelateerd aan Genesis 37:36

Jesaja 56:3

De vreemdeling die zich met de HEER heeft verbonden, laat hij niet zeggen: ‘De HEER zondert mij zeker af van zijn volk.’ En laat de eunuch niet zeggen: ‘Ik ben maar een dorre boom.’
Gerelateerd aan Genesis 37:36

2 Koningen 25:8

Op de zevende dag van de vijfde maand, in het negentiende regeringsjaar van koning Nebukadnessar van Babylonië, trok diens dienaar Nebuzaradan, de commandant van zijn lijfwacht, Jeruzalem binnen.
Gerelateerd aan Genesis 37:36

Esther 1:10

Op de zevende dag, toen de koning door de wijn in een vrolijke stemming was, beval hij Mehuman, Bizzeta, Charbona, Bigta, Abagta, Zetar en Karkas-de zeven eunuchen die zijn persoonlijke dienaren waren-