SV
23En het geschiedde, als Jozef tot zijn broederen kwam, zo togen zij Jozef zijn rok uit, den veelvervigen rok, dien hij aanhad.
24En zij namen hem, en wierpen hem in den kuil; doch de kuil was ledig; er was geen water in.
Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de Staten Vertaling van 1637
KJV
23And it came to pass, when Joseph was come unto his brethren, that they stript Joseph out of his coat, his coat of many colours that was on him;
24And they took him, and cast him into a pit: and the pit was empty, there was no water in it.
Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de King James Version