Gerelateerd aan Genesis 36:31

Gerelateerd aan Genesis 36:31

Genesis 17:6

Ik zal je bijzonder vruchtbaar maken. Er zullen veel volken uit je voortkomen en onder je nazaten zullen koningen zijn.
Gerelateerd aan Genesis 36:31

1 Kronieken 1:43

Dit zijn de koningen die in Edom geregeerd hebben nog voordat er een koning regeerde over de Israëlieten. Eerst Bela, de zoon van Beor; de stad waar hij zetelde heette Dinhaba.
Gerelateerd aan Genesis 36:31

Genesis 17:16

Ik zal haar zegenen en jou bij haar een zoon geven. Ik zal haar zo rijk zegenen dat er volken uit haar zullen voortkomen en er koningen van haar zullen afstammen.’
Gerelateerd aan Genesis 36:31

Numeri 20:14

Vanuit Kades stuurde Mozes gezanten naar de koning van Edom met deze boodschap: 'Uw broeder Israël bericht u het volgende: Het is u bekend met welke moeilijkheden wij te kampen hebben gehad.
Gerelateerd aan Genesis 36:31

Numeri 24:17

Wat ik zie is niet in het heden, wat ik waarneem is niet nabij. Een ster komt op uit Jakob, een scepter uit Israël. Hij verbrijzelt Moab de slapen, de kinderen van Set slaat hij neer.
Gerelateerd aan Genesis 36:31

Genesis 25:23

De HEER zei tegen haar: ‘Twee volken zijn er in je schoot, volken die uiteengaan nog voor je hebt gebaard. Het ene zal machtiger zijn dan het andere, de oudste zal de jongste dienen.’
Gerelateerd aan Genesis 36:31

Deuteronomium 33:5

Zo werd de HEER koning van Jesurun, terwijl de oudsten van het volk bijeen waren en de stammen van Israël zich verzameld hadden.
Gerelateerd aan Genesis 36:31

Deuteronomium 17:14

Wanneer u in het land gekomen bent dat de HEER, uw God, u zal geven en u het in bezit hebt genomen en er woont, zegt u misschien: ‘Laten we een koning aanstellen, net zoals de volken om ons heen.’
Gerelateerd aan Genesis 36:31

Deuteronomium 33:29

Wie is zo gelukkig als u, Israël? Geen ander volk liet de HEER de overwinning. Hij is het schild dat u beschermt, het zwaard dat u triomfen brengt. De vijand moet uw macht erkennen, hij zal het stof van uw voeten likken.’