Gerelateerd aan Genesis 35:17-18

Gerelateerd aan Genesis 35:17

Genesis 30:24

Ze noemde het kind Jozef en zei: ‘Ik hoop dat de HEER mij er nog een zoon bij geeft.’
Gerelateerd aan Genesis 35:17

1 Samuel 4:19

Eli's schoondochter, de vrouw van Pinechas, was in de laatste dagen van haar zwangerschap. Toen ze hoorde dat de ark van God was buitgemaakt en dat haar schoonvader en haar man waren gestorven, overvielen haar de weeën. Ze kromp ineen en bracht haar kind ter wereld.
Gerelateerd aan Genesis 35:18

Lukas 23:46

En Jezus riep met luide stem: ‘Vader, in uw handen leg ik mijn geest.’ Toen hij dat gezegd had, blies hij de laatste adem uit.
Gerelateerd aan Genesis 35:18

Lukas 12:20

Maar God zei tegen hem: “Dwaas, nog deze nacht zal je leven van je worden teruggevorderd. Voor wie zijn dan de schatten die je hebt opgeslagen?”
Gerelateerd aan Genesis 35:18

Handelingen 7:59

Terwijl Stefanus gestenigd werd, riep hij uit: ‘Heer Jezus, ontvang mijn geest.’
Gerelateerd aan Genesis 35:18

Genesis 44:27

Maar mijn vader zei: “Zoals jullie weten heeft mijn vrouw mij twee zonen gebaard.
Gerelateerd aan Genesis 35:18

1 Samuel 4:20

Terwijl ze stervende was, zeiden de vrouwen die haar bijstonden: 'Wees gerust, je hebt een zoon gekregen.' Maar ze reageerde niet en schonk hun geen aandacht.
Gerelateerd aan Genesis 35:18

Psalmen 80:17

(80:18) Leg uw hand op uw beschermeling, het mensenkind dat u hebt grootgebracht.
Gerelateerd aan Genesis 35:18

Psalmen 16:10

U levert mij niet over aan het dodenrijk en laat uw trouwe dienaar het graf niet zien.
Gerelateerd aan Genesis 35:18

Genesis 30:1

Omdat Rachel geen kinderen van Jakob kreeg, was ze jaloers op haar zuster. ‘Geef mij kinderen, ‘zei ze tegen Jakob, ‘anders ga ik dood!’
Gerelateerd aan Genesis 35:18

1 Kronieken 4:9

Jabes stond in hoger aanzien dan zijn broers. Zijn moeder had hem Jabes genoemd, 'want, 'zei ze, 'ik heb hem in pijn gebaard.'
Gerelateerd aan Genesis 35:18

Genesis 42:4

Jakob liet Benjamin, Jozefs volle broer, niet met de anderen meegaan, uit angst dat hem iets zou overkomen.
Gerelateerd aan Genesis 35:18

Klaagliederen 2:12

Ze blijven hun moeders vragen: ‘Is er geen brood en wijn?’, versmachtend op de pleinen van de stad, als gewonden op het slagveld; in de armen van hun moeders stroomt het leven uit hen weg.
Gerelateerd aan Genesis 35:18

Genesis 43:14

God, de Ontzagwekkende, geve dat hij barmhartig voor jullie is: dat hij jullie andere broer vrijlaat en ook Benjamin laat gaan. En ik-moet ik mijn kinderen verliezen, goed, dan verlies ik ze maar.’
Gerelateerd aan Genesis 35:18

Exodus 12:7

Het bloed moeten jullie bij elk huis waarin een dier gegeten wordt, aan de beide deurposten en aan de bovendorpel strijken.
Gerelateerd aan Genesis 35:18

Genesis 42:38

Maar Jakob weigerde. ‘Mijn zoon gaat niet met jullie mee, ‘zei hij, ‘want zijn broer is dood, en hij is nog maar alleen over. Als hem onderweg iets zou overkomen, dan zou ik, die al zo oud ben, door jullie schuld van verdriet in het dodenrijk komen.’