Gerelateerd aan Genesis 32:6

Gerelateerd aan Genesis 32:6

Genesis 33:1

Plotseling zag Jakob Esau op zich afkomen, met vierhonderd man. Toen verdeelde hij de kinderen over Lea, Rachel en zijn twee bijvrouwen.
Gerelateerd aan Genesis 32:6

Genesis 32:8

(32:9) Als Esau op het ene kamp afkomt en daar alles doodt, dacht hij, kan het andere kamp tenminste nog ontkomen.
Gerelateerd aan Genesis 32:6

Genesis 32:11

(32:12) Ik smeek u, red mij uit de handen van Esau, mijn broer, ik vrees dat hij ons zal aanvallen en mij en iedereen zal doden, ook de kinderen en hun moeders.
Gerelateerd aan Genesis 32:6

Genesis 27:40

Je zult leven van je zwaard en dienstbaar zijn aan je broer. Maar heb je je eenmaal losgerukt, dan werp je zijn juk van je nek.’
Gerelateerd aan Genesis 32:6

Amos 5:19

Zoals wanneer iemand die vlucht voor een leeuw, aangevallen wordt door een beer, en dan, als hij een huis binnenvlucht en met zijn hand tegen de muur leunt, gebeten wordt door een slang.