Gerelateerd aan Genesis 32:26, 29

Gerelateerd aan Genesis 32:26

Psalmen 115:12

De HEER gedenkt en zegent ons, zegenen zal hij het volk van Israël, zegenen het huis van Aäron,
Gerelateerd aan Genesis 32:26

Hosea 12:4

(12:5) Hij worstelde met een engel en overwon; onder tranen smeekte hij hem om een gunst. In Betel vond God hem, daar sprak hij al tot ons.
Gerelateerd aan Genesis 32:26

2 Korinthe 12:8

Ik heb de Heer driemaal gesmeekt mij van hem te bevrijden,
Gerelateerd aan Genesis 32:26

Psalmen 67:1

Voor de koorleider. Bij snarenspel. Een psalm, een lied. (67:2) God, wees ons genadig en zegen ons, laat het licht van uw gelaat over ons schijnen, sela
Gerelateerd aan Genesis 32:26

Hooglied 3:4

Nog maar nauwelijks ben ik hun voorbij of ik vind mijn lief. Ik grijp hem vast en laat hem niet meer los tot ik hem gebracht heb in mijn moeders huis, in de kamer van haar die mij baarde.
Gerelateerd aan Genesis 32:26

1 Kronieken 4:10

Jabes bad tot de God van Israël: 'Zegen mij: maak mijn grondgebied groot en bescherm me tegen het kwaad, zodat ik geen pijn hoef te lijden.' God gaf hem wat hij gevraagd had.
Gerelateerd aan Genesis 32:26

Lukas 18:1

Hij vertelde hun een gelijkenis over de noodzaak om altijd te bidden en niet op te geven:
Gerelateerd aan Genesis 32:26

Exodus 32:10

Houd mij niet tegen: mijn brandende toorn zal hen verteren. Maar uit jou zal ik een groot volk laten voortkomen.'
Gerelateerd aan Genesis 32:26

Romeinen 8:37

Maar wij zegevieren in dit alles glansrijk dankzij hem die ons heeft liefgehad.
Gerelateerd aan Genesis 32:26

Psalmen 67:6

(67:7) De aarde heeft een rijke oogst gegeven, God, onze God, zegent ons.
Gerelateerd aan Genesis 32:26

Deuteronomium 9:14

Houd me niet tegen: ik roei hen uit, zodat niets op aarde nog aan hen zal herinneren. Maar uit jou zal ik een volk laten voortkomen dat groter en machtiger is dan dit.’
Gerelateerd aan Genesis 32:26

Hooglied 7:5

(7:6) Je hoofd rijst op als de Karmel, omkruld door purperen lokken, waarin een koning ligt verstrikt.
Gerelateerd aan Genesis 32:26

Lukas 24:28

Ze naderden het dorp waarheen ze op weg waren. Jezus deed alsof hij verder wilde reizen.
Gerelateerd aan Genesis 32:26

Jesaja 45:11

Dit zegt de HEER, de Heilige van Israël, die Israël gevormd heeft: Wilden jullie mij ondervragen over het lot van mijn kinderen, of mij iets voorschrijven omtrent het werk van mijn handen?
Gerelateerd aan Genesis 32:26

1 Korinthe 15:58

Kortom, geliefde broeders en zusters, wees standvastig en onwankelbaar en zet u altijd volledig in voor het werk van de Heer, in het besef dat door de Heer uw inspanningen nooit tevergeefs zijn.
Gerelateerd aan Genesis 32:26

Jesaja 64:7

Toch, HEER, bent u onze vader, wij zijn de klei, door u gevormd, wij zijn het werk van uw handen.
Gerelateerd aan Genesis 32:26

Hebreeën 5:7

Christus heeft tijdens zijn leven op aarde onder tranen en met luide stem gesmeekt en gebeden tot hem die hem kon redden van de dood, en werd verhoord vanwege zijn diep ontzag voor God.
Gerelateerd aan Genesis 32:29

Richteren 13:16

Maar de engel van de HEER antwoordde: 'Ik wil nog wel even blijven, maar ik zal niet eten van wat u mij aanbiedt. Als u echter een brandoffer aan de HEER wilt opdragen, mag u dat doen.' Manoach wist nog altijd niet dat hij met een engel van de HEER te maken had.
Gerelateerd aan Genesis 32:29

Genesis 28:3

God, de Ontzagwekkende, moge je zegenen, je vruchtbaar maken en je veel nakomelingen geven, zodat er een groot aantal volken uit je voortkomt.
Gerelateerd aan Genesis 32:29

Deuteronomium 29:29

(29:28) Wat verborgen is, behoort de HEER, onze God, toe; wat openbaar is, komt ons toe. Wij en onze kinderen dienen ons altijd te richten naar alle bepalingen van deze wet.
1
2
Volgende