Gerelateerd aan Genesis 30:8
Gerelateerd aan Genesis 30:8
Genesis 49:21
Naftali, een hinde in vrijheid, die prachtige kalveren werpt.
Gerelateerd aan Genesis 30:8
Mattheüs 4:13
Hij liet Nazaret achter zich en ging wonen in Kafarnaüm, aan het Meer van Galilea, in het gebied van Zebulon en Naftali.
Gerelateerd aan Genesis 30:8
Genesis 46:24
Zonen van Naftali: Jachseël, Guni, Jeser en Sillem.
Gerelateerd aan Genesis 30:8
1 Samuel 14:15
Er ging een siddering door het kamp in het veld en door de bezetting van de wachtpost, en ook de stoottroepen rilden van schrik. De aarde beefde, en alle Filistijnen sidderden van angst voor God.
Gerelateerd aan Genesis 30:8
Deuteronomium 33:23
Over Naftali zei hij: ‘Naftali is door de HEER ruim bedeeld, rijk gezegend door zijn gunst. Laat hij het westen en zuiden veroveren.’
Gerelateerd aan Genesis 30:8
Genesis 32:24
(32:25) Maar zelf bleef hij achter, helemaal alleen, en er worstelde iemand met hem totdat de dag aanbrak.
Gerelateerd aan Genesis 30:8
Exodus 9:28
Bid tot de HEER dat hij een eind maakt aan die vreselijke donder en hagel. Dan laat ik jullie gaan en hoeven jullie hier niet langer te blijven.'
Gerelateerd aan Genesis 30:8
Genesis 23:6
‘Maar luister, heer, wij beschouwen u als een vorst die door God zelf begunstigd wordt! Begraaf uw vrouw in het beste graf dat we hebben. Niemand van ons zal u zijn graf weigeren en u beletten haar daarin te begraven.’
Gerelateerd aan Genesis 30:8
Genesis 35:25
Zonen van Rachels slavin Bilha: Dan en Naftali.