Gerelateerd aan Genesis 29:19
Gerelateerd aan Genesis 29:19
Psalmen 12:2
(12:3) Ze beliegen elkaar allemaal, vals en verraderlijk is hun woord.
Gerelateerd aan Genesis 29:19
Jesaja 6:11
Ik vroeg: ‘Hoe lang, Heer?’ Hij antwoordde: ‘Totdat de steden en huizen geheel verlaten zijn en er geen mens meer woont, tot heel het land verwoest is, één grote woestenij.
Gerelateerd aan Genesis 29:19
Jesaja 6:5
Ik schreeuwde het uit: ‘Wee mij! Ik moet zwijgen, want ik ben een mens met onreine lippen, en ik leef te midden van een volk dat onreine lippen heeft. En nu heb ik met eigen ogen de koning, de HEER van de hemelse machten, gezien.’