Gerelateerd aan Genesis 29:14

Gerelateerd aan Genesis 29:14

2 Samuel 19:12

(19:13) U bent mijn broeders, mijn vlees en bloed; waarom zou u de laatsten zijn om de koning terug te halen?"
Gerelateerd aan Genesis 29:14

Richteren 9:2

'Leg de burgers van Sichem de vraag voor wie ze liever als heerser hebben: de zeventig zonen van Jerubbaäl gezamenlijk of één man, die bovendien hun bloedverwant is.'
Gerelateerd aan Genesis 29:14

Genesis 2:23

Toen riep de mens uit: ‘Eindelijk een gelijk aan mij, mijn eigen gebeente, mijn eigen vlees, een die zal heten: vrouw, een uit een man gebouwd.’
Gerelateerd aan Genesis 29:14

2 Samuel 5:1

Alle stammen van Israël kwamen bij David in Hebron en zeiden tegen hem: 'Hier zijn we, uw eigen vlees en bloed.
Gerelateerd aan Genesis 29:14

Genesis 29:15

toen deze tegen hem zei: ‘Het is niet nodig dat je voor niets voor mij werkt, alleen omdat je familie van me bent. Zeg me maar wat je loon moet zijn.’
Gerelateerd aan Genesis 29:14

Micha 7:5

Geloof je naaste niet, vertrouw je vriend niet, let op je woorden, ook bij wie er in je armen ligt.
Gerelateerd aan Genesis 29:14

Genesis 29:12

Zodra hij Rachel had verteld dat hij familie van haar vader was, een zoon van Rebekka, rende ze naar haar vader en vertelde het hem.
Gerelateerd aan Genesis 29:14

Genesis 13:8

Daarom zei Abram tegen Lot: ‘Waarom zouden we ruziemaken, jij en ik, of jouw herders en de mijne? We zijn toch familie?
Gerelateerd aan Genesis 29:14

Efeze 5:30

want dat is zijn lichaam en wij zijn de ledematen.