Gerelateerd aan Genesis 28:18

Gerelateerd aan Genesis 28:18

Genesis 35:14

Daar, op die plaats, zette Jakob een steen rechtop, en hij wijdde hem door er een wijnoffer op te brengen en er olie over uit te gieten.
Gerelateerd aan Genesis 28:18

Genesis 31:13

Ik ben de God van Betel, waar je een steen met olie hebt gewijd en waar je een gelofte hebt afgelegd. Kom, ga weg uit dit land en keer terug naar je geboorteland.”’
Gerelateerd aan Genesis 28:18

Genesis 31:45

Daarop koos Jakob een steen uit en zette hem rechtop als gedenksteen;
Gerelateerd aan Genesis 28:18

2 Samuel 18:18

Absalom had bij zijn leven voor zichzelf een gedenksteen opgericht in de Koningsvallei. Omdat hij, zoals hij zei, geen zoon had om zijn naam te doen voortleven, gaf hij de gedenksteen zijn eigen naam. Tot op de dag van vandaag wordt deze het Gedenkteken van Absalom genoemd.
Gerelateerd aan Genesis 28:18

Leviticus 8:10

Toen nam Mozes de zalfolie en zalfde daarmee de tabernakel en alles wat zich erin bevond, en heiligde dat.
Gerelateerd aan Genesis 28:18

Numeri 7:1

Op de dag waarop Mozes de laatste hand legde aan het opbouwen van de tabernakel, zalfde hij die, met alle toebehoren, en ook het altaar en het altaargerei; zo heiligde hij alles.
Gerelateerd aan Genesis 28:18

Genesis 35:20

Op haar graf plaatste Jakob een gedenksteen, die tot op de dag van vandaag de plaats van Rachels graf aangeeft.
Gerelateerd aan Genesis 28:18

1 Samuel 7:12

Na afloop plaatste Samuël tussen Mispa en Sen een steen en noemde die Eben-Haëzer. 'Want, 'verklaarde hij, 'tot hier toe heeft de HEER ons geholpen.'
Gerelateerd aan Genesis 28:18

Prediker 9:10

Doe wat je hand te doen vindt. Doe het met volle inzet, want er zijn geen daden en gedachten, geen kennis en geen wijsheid in het dodenrijk. Daar ben je altijd naar op weg.
Gerelateerd aan Genesis 28:18

Jozua 24:26

die hij in het wetboek van God opschreef. Ook richtte hij een grote steen op onder de terebint bij het heiligdom van de HEER.
Gerelateerd aan Genesis 28:18

Genesis 22:3

De volgende morgen stond Abraham vroeg op. Hij zadelde zijn ezel, nam twee van zijn knechten en zijn zoon Isaak met zich mee, hakte hout voor het offer en ging op weg naar de plaats waarover God had gesproken.
Gerelateerd aan Genesis 28:18

Psalmen 119:60

ik haast mij, en aarzel niet mij te houden aan uw geboden.
Gerelateerd aan Genesis 28:18

Jesaja 19:19

Op die dag zal er midden in Egypte een altaar voor de HEER staan en aan de grens een aan hem gewijde steen,