Gerelateerd aan Genesis 27:34-38
Gerelateerd aan Genesis 27:34
Hebreeën 12:17
U weet immers dat hij daarna, toen hij alsnog de zegen wilde verkrijgen, afgewezen werd; hij kreeg geen kans meer om het goed te maken, ook al smeekte hij er in tranen om.
Gerelateerd aan Genesis 27:34
Spreuken 1:31
Daarom pluk je de wrange vruchten van je plannen, je daden liggen je zwaar op de maag.
Gerelateerd aan Genesis 27:34
Lukas 13:24
‘Doe alle moeite om door de smalle deur naar binnen te gaan, want velen, zeg ik jullie, zullen proberen naar binnen te gaan maar er niet in slagen.
Gerelateerd aan Genesis 27:34
Spreuken 19:3
Dwaasheid brengt een mens op de verkeerde weg, dan keert hij zich verbitterd tegen de HEER.
Gerelateerd aan Genesis 27:34
Spreuken 1:24
Maar toen ik je riep, wees je me af, toen ik je mijn hand bood, nam je die niet aan.
Gerelateerd aan Genesis 27:34
1 Samuel 30:4
begonnen ze luidkeels te jammeren, tot ze geen kracht meer hadden om te huilen.
Gerelateerd aan Genesis 27:35
Romeinen 3:7
Maar wanneer door mijn onbetrouwbaarheid Gods trouw alleen maar toeneemt en daardoor ook zijn eer, waarom word ik dan toch nog als een zondaar veroordeeld?
Gerelateerd aan Genesis 27:35
Maleachi 2:10
Hebben wij niet allemaal dezelfde vader, heeft niet een en dezelfde God ons geschapen? Waarom behandelen wij elkaar dan zo trouweloos en schenden wij het verbond dat hij met onze voorouders sloot?
Gerelateerd aan Genesis 27:35
Genesis 27:19
Jakob antwoordde zijn vader: ‘Ik ben Esau, uw eerstgeboren zoon. Ik heb gedaan wat u me hebt gevraagd. Kom, ga overeind zitten en eet van wat ik heb geschoten; dat zal u de kracht geven om mij te zegenen.’
Gerelateerd aan Genesis 27:35
2 Korinthe 4:7
Maar wij zijn slechts een aarden pot voor deze schat; het moet duidelijk zijn dat onze overweldigende kracht niet van onszelf komt, maar van God.
Gerelateerd aan Genesis 27:35
1 Thessalonicensen 4:6
Schaad of bedrieg uw broeder of zuster in dit opzicht niet, want de Heer vergeldt dit alles, zoals wij u vroeger al nadrukkelijk hebben voorgehouden.
Gerelateerd aan Genesis 27:35
2 Koningen 10:19
Laat alle profeten van Baäl hier komen, al zijn dienaren en al zijn priesters, niet één mag er ontbreken. Ik wil namelijk een plechtige offerdienst voor Baäl houden, en wie ontbreekt zal dat met de dood bekopen.' Dit was een list van Jehu om de dienaren van Baäl te doden.
Gerelateerd aan Genesis 27:35
Job 13:7
Spreken jullie onwaarheid namens God? Willen jullie God met leugens dienen?
Gerelateerd aan Genesis 27:36
Genesis 25:26
Toen daarna zijn broer te voorschijn kwam, hield die Esau bij de hiel beet; hij werd Jakob genoemd. Isaak was zestig jaar toen zij geboren werden.
Gerelateerd aan Genesis 27:36
Genesis 32:28
(32:29) Daarop zei hij: ‘Voortaan zal je naam niet Jakob zijn maar Israël, want je hebt met God en mensen gestreden en je hebt gewonnen.’
Gerelateerd aan Genesis 27:36
Johannes 1:47
Jezus zag Natanaël aankomen en zei: ‘Dat is nu een echte Israëliet, een mens zonder bedrog.’
Gerelateerd aan Genesis 27:36
Genesis 25:31
‘Pas als jij me je eerstgeboorterecht verkoopt, ‘antwoordde Jakob.
Gerelateerd aan Genesis 27:37
Genesis 27:28
God geve je dauw uit de hemel en vette, vruchtbare aarde, een overvloed van koren en wijn.
Gerelateerd aan Genesis 27:37
2 Samuel 8:14
Overal in Edom bezette hij strategische punten, en sindsdien waren de Edomieten aan David onderworpen. De HEER stond David bij in alles wat hij ondernam.
Gerelateerd aan Genesis 27:37
Romeinen 9:10
Sterker nog, Rebekka was van onze vader Isaak zwanger van een tweeling,
1
2