Gerelateerd aan Genesis 26:29
Gerelateerd aan Genesis 26:29
Genesis 24:31
‘Komt u toch mee, u op wie de zegen van de HEER rust, ‘zei Laban. ‘Waarom blijft u hier buiten staan, terwijl ik het huis al in gereedheid heb gebracht en er plaats is voor uw kamelen?’
Gerelateerd aan Genesis 26:29
Psalmen 115:15
Moge de HEER u zegenen, hij die hemel en aarde gemaakt heeft.
Gerelateerd aan Genesis 26:29
Genesis 21:22
Op een dag kwam Abimelech bij Abraham, samen met zijn legeraanvoerder Pichol. ‘God blijkt u ter zijde te staan bij alles wat u onderneemt, ‘zei hij.
Gerelateerd aan Genesis 26:29
Genesis 26:14
hij bezat grote kudden schapen, geiten en runderen en een groot aantal slaven en slavinnen. De Filistijnen werden jaloers op hem,
Gerelateerd aan Genesis 26:29
Genesis 26:11
Daarop waarschuwde hij het hele volk: ‘Wie deze man of zijn vrouw met ook maar één vinger aanraakt, zal ter dood gebracht worden.’
Gerelateerd aan Genesis 26:29
Genesis 22:17
zal ik je rijkelijk zegenen en je zoveel nakomelingen geven als er sterren aan de hemel zijn en zandkorrels op het strand langs de zee, en je nakomelingen zullen de steden van hun vijanden in bezit krijgen.
Gerelateerd aan Genesis 26:29
Genesis 12:2
Ik zal je tot een groot volk maken, ik zal je zegenen, ik zal je aanzien geven, een bron van zegen zul je zijn.