Gerelateerd aan Genesis 25:29-34
Gerelateerd aan Genesis 25:29
Spreuken 13:25
Wanneer een rechtvaardige eet, wordt hij verzadigd, een goddeloze houdt een hongerige maag.
Gerelateerd aan Genesis 25:29
Jesaja 40:30
Jonge strijders worden moe en raken uitgeput, zelfs sterke helden struikelen,
Gerelateerd aan Genesis 25:29
1 Samuel 14:28
Een van de soldaten sprak hem aan en zei: 'Uw vader heeft ons dringend bezworen om vandaag niet te eten, ook al hebben we nog zo'n honger.'
Gerelateerd aan Genesis 25:29
1 Samuel 14:31
De Israëlieten dreven de Filistijnen die dag terug van Michmas tot Ajjalon. De soldaten, volkomen uitgeput,
Gerelateerd aan Genesis 25:29
Richteren 8:4
Ook Gideon was dus met zijn driehonderd manschappen de Jordaan overgestoken om de Midjanieten te achtervolgen, hoewel ze de uitputting nabij waren.
Gerelateerd aan Genesis 25:30
Genesis 36:9
Dit zijn de nakomelingen die Esau, de stamvader van de Edomieten, in het Seïrgebergte kreeg.
Gerelateerd aan Genesis 25:30
Exodus 15:15
ontzetting maakte zich meester van de stamvorsten van Edom, van de machtigen van Moab. Ze waren verlamd van schrik. De Kanaänieten sidderden, allen waren doodsbang.
Gerelateerd aan Genesis 25:30
Numeri 20:14
Vanuit Kades stuurde Mozes gezanten naar de koning van Edom met deze boodschap: 'Uw broeder Israël bericht u het volgende: Het is u bekend met welke moeilijkheden wij te kampen hebben gehad.
Gerelateerd aan Genesis 25:30
2 Koningen 8:20
Tijdens de regering van Joram kwamen de Edomieten tegen Juda in opstand en wezen ze een eigen koning aan.
Gerelateerd aan Genesis 25:30
Deuteronomium 23:7
(23:8) Edomieten moet u echter met respect behandelen, want dat zijn uw broeders. Ook Egyptenaren moet u respectvol behandelen, want u hebt als vreemdeling in hun land gewoond.
Gerelateerd aan Genesis 25:30
Genesis 36:1
Dit zijn de nakomelingen van Esau, ook Edom genoemd.
Gerelateerd aan Genesis 25:30
Genesis 36:43
Magdiël en Iram. Dit waren de stamvorsten van Edom, ieder met zijn eigen woongebied in het land dat zij in bezit hadden genomen. Esau was de stamvader van Edom.
Gerelateerd aan Genesis 25:32
Exodus 22:9
(22:8) Bij elk vermoeden van verduistering-of het nu een rund betreft, een ezel, een schaap of geit, een kledingstuk, of welk zoekgeraakt voorwerp ook waarvan iemand beweert dat het zijn eigendom is-moeten beide partijen hun zaak aan God voorleggen. Degene die door God schuldig verklaard wordt, moet de ander een dubbele vergoeding geven.
Gerelateerd aan Genesis 25:32
Maleachi 3:14
Jullie hebben gezegd: 'Wat heeft het voor nut om God te dienen, wat hebben we eraan dat we zijn voorschriften in acht nemen en ons in een boetekleed hullen voor de HEER van de hemelse machten?
Gerelateerd aan Genesis 25:32
Job 21:15
Wie is de Ontzagwekkende dat wij hem zouden eren? Wat baat het ons tot hem te bidden?"
Gerelateerd aan Genesis 25:32
Job 34:9
Want hij heeft gezegd: "Het baat de mens niet om bevriend te zijn met God."
Gerelateerd aan Genesis 25:32
Job 22:17
Steeds weer zeiden ze tot God: "Wend u van ons af. Wat kan de Ontzagwekkende voor ons doen?"
Gerelateerd aan Genesis 25:33
Hebreeën 12:16
en dat niemand overspel pleegt of het heilige zozeer minacht als Esau, die voor één enkel bord eten zijn eerstgeboorterecht verkocht.
Gerelateerd aan Genesis 25:33
Hebreeën 6:16
Mensen zweren altijd bij iemand die hoger is dan zijzelf, en met hun eed bekrachtigen ze de waarheid en beëindigen ze elke twist.
Gerelateerd aan Genesis 25:33
Genesis 27:36
Toen zei Esau: ‘Niet voor niets heet hij Jakob: hij heeft me nu al twee keer beetgenomen. Eerst heeft hij me mijn eerstgeboorterecht afgenomen en nu ook nog mijn zegen!’ Daarna vroeg hij: ‘Hebt u dan geen zegen meer over voor mij?’
1
2