Gerelateerd aan Genesis 16:2

Gerelateerd aan Genesis 16:2

Genesis 3:12

De mens antwoordde: ‘De vrouw die u hebt gemaakt om mij ter zijde te staan, heeft mij vruchten van de boom gegeven en toen heb ik ervan gegeten.’
Gerelateerd aan Genesis 16:2

Genesis 20:18

de HEER had namelijk bij alle vrouwen in Abimelechs paleis de moederschoot gesloten om wat er gebeurd was met Abrahams vrouw Sara.
Gerelateerd aan Genesis 16:2

Genesis 30:2

Jakob werd kwaad en antwoordde: ‘Ik ben toch zeker God niet? Híj onthoudt jou het moederschap!’
Gerelateerd aan Genesis 16:2

Exodus 21:4

Als zijn meester hem een vrouw heeft gegeven en zij heeft hem zonen of dochters gebaard, blijven de vrouw en haar kinderen eigendom van de meester en moet de slaaf alleen weggaan.
Gerelateerd aan Genesis 16:2

Genesis 25:21

Omdat Rebekka onvruchtbaar bleek, bad Isaak vurig voor haar tot de HEER, en de HEER verhoorde zijn gebed: Rebekka, zijn vrouw, werd zwanger.
Gerelateerd aan Genesis 16:2

Psalmen 127:3

Kinderen zijn een geschenk van de HEER, de vrucht van de schoot is een beloning van God.
Gerelateerd aan Genesis 16:2

Genesis 30:9

Omdat Lea geen kinderen meer kreeg, gaf zij Jakob haar slavin Zilpa tot vrouw.
Gerelateerd aan Genesis 16:2

Genesis 17:16

Ik zal haar zegenen en jou bij haar een zoon geven. Ik zal haar zo rijk zegenen dat er volken uit haar zullen voortkomen en er koningen van haar zullen afstammen.’
Gerelateerd aan Genesis 16:2

Genesis 3:17

Tegen de mens zei hij: ‘Je hebt geluisterd naar je vrouw, gegeten van de boom die ik je had verboden. Vervloekt is de akker om wat jij hebt gedaan, zwoegen zul je om ervan te eten, je hele leven lang.
Gerelateerd aan Genesis 16:2

Ruth 4:11

'Ja, 'zeiden de oudsten en allen die bij de poort aanwezig waren, 'daarvan zijn wij getuige. De HEER geve dat de vrouw die in uw huis komt zal zijn als Rachel en Lea, die beiden het huis van Israël groot hebben gemaakt, zodat ook u groot zult zijn in Efrata en uw naam in Betlehem zal voortbestaan.
Gerelateerd aan Genesis 16:2

Genesis 30:22

Toen dacht God eindelijk aan Rachel: hij verhoorde haar en opende haar moederschoot.
Gerelateerd aan Genesis 16:2

Genesis 3:1

Van alle in het wild levende dieren die God, de HEER, gemaakt had, was de slang het sluwst. Dit dier vroeg aan de vrouw: ‘Is het waar dat God gezegd heeft dat jullie van geen enkele boom in de tuin mogen eten?’
Gerelateerd aan Genesis 16:2

Genesis 18:10

Toen zei een van hen: ‘Ik kom over precies een jaar bij u terug en dan zal uw vrouw Sara een zoon hebben.’ Sara, die in de ingang van de tent stond, achter de man, hoorde dat.
Gerelateerd aan Genesis 16:2

Genesis 30:6

Toen zei Rachel: ‘God heeft mij recht gedaan: hij heeft mij verhoord en mij een zoon gegeven.’ Daarom noemde ze hem Dan.