Filippensen 3:19

NBV

19en gaan hun ondergang tegemoet. Hun god is hun buik, hun eer is schaamteloosheid en hun aandacht is alleen gericht op aardse zaken.

SV

19Welker einde is het verderf, welker God is de buik, en welker heerlijkheid is in hun schande, dewelken aardse dingen bedenken.

KJV

19Whose end is destruction, whose God is their belly, and whose glory is in their shame, who mind earthly things.)