Gerelateerd aan Filippensen 2:6-9

Gerelateerd aan Filippensen 2:6

Johannes 5:18

Vanaf dat moment probeerden de Joden hem te doden, omdat hij niet alleen de sabbat ondermijnde, maar bovendien God zijn eigen Vader noemde, en zichzelf zo aan God gelijkstelde.
Gerelateerd aan Filippensen 2:6

2 Korinthe 4:4

de ongelovigen, van wie de gedachten door de god van deze wereld zijn verblind, waardoor ze het licht van het evangelie niet kunnen zien, de luister van Christus, die het beeld van God is.
Gerelateerd aan Filippensen 2:6

Hebreeën 1:3

In hem schittert Gods luister, hij is zijn evenbeeld, hij schraagt de schepping met zijn machtig woord; hij heeft, na de reiniging van de zonden te hebben voltrokken, plaatsgenomen aan de rechterzijde van Gods hemelse majesteit,
Gerelateerd aan Filippensen 2:6

Johannes 17:5

Vader, verhef mij nu tot uw majesteit, tot de grootheid die ik bij u had voordat de wereld bestond.
Gerelateerd aan Filippensen 2:6

Openbaring 21:6

Toen zei hij tegen mij: 'Het is voltrokken! Ik ben de alfa en de omega, het begin en het einde. Wie dorst heeft geef ik vrij te drinken uit de bron met water dat leven geeft.
Gerelateerd aan Filippensen 2:6

Johannes 10:30

en de Vader en ik zijn één.’
Gerelateerd aan Filippensen 2:6

Kolossensen 1:15

Beeld van God, de onzichtbare, is hij, eerstgeborene van heel de schepping:
Gerelateerd aan Filippensen 2:6

Jesaja 9:6

(9:5) Een kind is ons geboren, een zoon is ons gegeven; de heerschappij rust op zijn schouders. Deze namen zal hij dragen: Wonderbare raadsman, Goddelijke held, Eeuwige vader, Vredevorst.
Gerelateerd aan Filippensen 2:6

Hebreeën 13:8

Jezus Christus blijft dezelfde, gisteren, vandaag en tot in eeuwigheid!
Gerelateerd aan Filippensen 2:6

Johannes 10:33

‘Voor een goede daad zullen we u niet stenigen, ‘antwoordden ze, ‘maar wel voor godslastering: u bent een mens, maar u beweert dat u God bent!’
Gerelateerd aan Filippensen 2:6

Johannes 8:58

‘Waarachtig, ik verzeker u, ‘antwoordde Jezus, ‘van voordat Abraham er was, ben ik er.’
Gerelateerd aan Filippensen 2:6

Openbaring 1:17

Toen ik hem zag viel ik als dood voor zijn voeten neer. Maar hij legde zijn rechterhand op me en zei: 'Wees niet bang. Ik ben de eerste en de laatste.
Gerelateerd aan Filippensen 2:6

Micha 5:2

(5:1) Uit jou, Betlehem in Efrata, te klein om tot Juda's geslachten te behoren, uit jou komt iemand voort die voor mij over Israël zal heersen. Zijn oorsprong ligt in lang vervlogen tijden, in de dagen van weleer.
Gerelateerd aan Filippensen 2:6

Romeinen 9:5

omwille van het volk dat van de aartsvaders afstamt en waaruit Christus is voortgekomen. God, die boven alles verheven is, zij geprezen tot in eeuwigheid. Amen.
Gerelateerd aan Filippensen 2:6

Johannes 10:38

maar als dat wel het geval is en u gelooft me toch niet, geloof dan tenminste wat ik doe. Dan zult u begrijpen dat de Vader in mij is en dat ik in de Vader ben.’
Gerelateerd aan Filippensen 2:6

Jozua 5:13

Toen Jozua eens in de omgeving van Jericho liep, zag hij plotseling een man tegenover zich met een getrokken zwaard in de hand. Jozua ging op hem af en vroeg: 'Hoor je bij ons of bij de vijand?'
Gerelateerd aan Filippensen 2:6

Johannes 20:28

Tomas antwoordde: ‘Mijn Heer, mijn God!’
Gerelateerd aan Filippensen 2:6

Jesaja 7:14

Daarom zal de Heer zelf u een teken geven: de jonge vrouw is zwanger, zij zal spoedig een zoon baren en hem Immanuël noemen.
Gerelateerd aan Filippensen 2:6

Hebreeën 1:6

Maar wanneer hij de eerstgeborene de wereld weer binnenleidt, zegt hij: ‘Laten al Gods engelen hem eer bewijzen.’
Gerelateerd aan Filippensen 2:6

Johannes 1:1

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God.
1
2
3
4
5
6
7
Volgende