Gerelateerd aan Ezra 4:4

Gerelateerd aan Ezra 4:4

Ezra 3:3

Ondanks hun angst voor de bevolking van het land richtten ze het altaar op zijn oude fundamenten op en offerden aan de HEER. Ze droegen de brandoffers voor de morgen en de avond op,
Gerelateerd aan Ezra 4:4

Jesaja 35:3

Geef kracht aan trillende handen, maak knikkende knieën sterk.
Gerelateerd aan Ezra 4:4

Jeremia 38:4

De raadsheren zeiden tegen de koning: ‘Die man moet ter dood gebracht worden. Door zulke dingen te zeggen ondermijnt hij immers het moreel van de inwoners en van de soldaten die hier nog overgebleven zijn. Hij heeft niet hun behoud voor ogen, maar hun ondergang.’
Gerelateerd aan Ezra 4:4

Nehemia 4:11

(4:5) Onze tegenstanders dachten ons onverhoeds aan te vallen en te doden, en zo het werk te kunnen stopzetten.
Gerelateerd aan Ezra 4:4

Nehemia 6:9

Ze waren er allemaal op uit ons bang te maken, zodat we het werk zouden opgeven en er niets meer gebeuren zou. Maar ik pakte het werk juist voortvarend aan.
Gerelateerd aan Ezra 4:4

Nehemia 4:7

(4:1) Toen Sanballat en Tobia, en de Arabieren, de Ammonieten en de Asdodieten hoorden dat het herstel van de muren van Jeruzalem vorderde en dat de gaten langzaam maar zeker werden gedicht, werden ze woedend.