Gerelateerd aan Ezechiel 31:17
Gerelateerd aan Ezechiel 31:17
Ezechiel 31:6
In zijn takken nestelden de vogels van de hemel, onder zijn twijgen wierpen de wilde dieren hun jongen, en in zijn schaduw woonden vele volken.
Gerelateerd aan Ezechiel 31:17
Psalmen 9:17
(9:18) Laten de goddelozen weggaan naar het dodenrijk, alle volken die God zijn vergeten.
Gerelateerd aan Ezechiel 31:17
Ezechiel 31:3
Ooit was er een cipres, een ceder van de Libanon, met mooie takken, als een woud dat schaduw geeft, duizelingwekkend hoog, zijn kruin raakte de wolken.
Gerelateerd aan Ezechiel 31:17
Ezechiel 30:21
'Mensenkind, ik zal de arm van de farao, de koning van Egypte, breken. Niemand zal die arm verbinden om hem te laten genezen, niemand legt om die arm een verband waardoor hij weer sterk genoeg wordt om het zwaard te hanteren.
Gerelateerd aan Ezechiel 31:17
Jesaja 14:9
Het dodenrijk beneden is in rep en roer om jou een ontvangst te bereiden: het wekt de schimmen voor je op van alle leiders van de aarde, het laat de vorsten van vreemde volken voor jou opstaan van hun troon.
Gerelateerd aan Ezechiel 31:17
Ezechiel 32:20
Je volk zal er liggen te midden van de gesneuvelden." Egypte is overgeleverd aan het zwaard. Sleep het weg met al zijn vazallen!
Gerelateerd aan Ezechiel 31:17
Ezechiel 30:6
Dit zegt de HEER: Wie Egypte steunt zal vallen, en de kracht waarop dat land zich beroemt zal verschrompelen: van Migdol tot Syene vallen er doden door het zwaard-spreekt God, de HEER.
Gerelateerd aan Ezechiel 31:17
Nehemia 3:17
Daarnaast werkten de Levieten Rechum, de zoon van Bani, en Chasabja, het hoofd van de ene helft van het district Keïla, namens dat district.
Gerelateerd aan Ezechiel 31:17
Klaagliederen 4:20
De gezalfde van de HEER, de adem van ons leven, is in hun kuil gevangen, hij in wiens schaduw wij hoopten te leven, te midden van de volken.
Gerelateerd aan Ezechiel 31:17
Daniel 4:11
(4:8) De boom werd groter en sterker, zijn kruin reikte tot aan de hemel en zijn kroon overspande de hele aarde.
Gerelateerd aan Ezechiel 31:17
Markus 4:32
Maar als het na het zaaien opschiet, wordt het het grootste van alle planten en krijgt het grote takken, zodat de vogels van de hemel in zijn schaduw kunnen nestelen.’