Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Daniel 2:37
U, majesteit, koning der koningen, aan wie de God van de hemel het koningschap, en macht, kracht en eer heeft verleend,
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Nahum 2:3
(2:4) De schilden van zijn helden zijn rood gekleurd, zijn soldaten gaan in purper gekleed. De wagens die hij opstelt zijn vlammend gepantserd, de lansen worden gericht.
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Ezra 7:12
'Artaxerxes, de koning der koningen, aan de priester Ezra, groot kenner van de wet van de God van de hemel: alle goeds gewenst!
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Ezechiel 23:24
Ze komen uit alle volken, ze trekken tegen je op met hun strijdwagens, met hun grote en kleine schilden en hun helmen, ze vallen je van alle kanten aan. Ik zal hen een oordeel over je laten vellen; overeenkomstig hun recht zullen zij je vonnissen.
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Jesaja 10:8
Hij zegt: ‘Zijn mijn aanvoerders niet machtig als koningen?
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Jeremia 52:32
Koning Ewil-Merodach verzekerde hem van zijn welwillendheid en bevoorrechtte hem boven de andere koningen die gedwongen in Babel verbleven.
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Daniel 2:47
De koning zei tegen Daniël: 'Het is waar, uw God is de God der goden en de heer der koningen. Hij onthult mysteries en daardoor hebt u dit mysterie kunnen onthullen.'
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Hosea 8:10
Maar ook al zouden ze van de andere volken slechts liefde ontvangen, voor mij is nu de maat vol. Ze krimpen al ineen onder de druk van de machtige koning van Assyrië.
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Jeremia 25:9
zal ik alle volken van het noorden met mijn dienaar, koning Nebukadnessar van Babylonië, ontbieden-spreekt de HEER. Ik stuur ze op de inwoners van dit land af en op alle omringende volken. Ik breng alle inwoners om; ze zullen afschuw en ontzetting wekken, en dit land zal voor altijd in puin liggen.
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Jeremia 25:22
de koningen van Tyrus, de koningen van Sidon en die van de overzeese gebieden;
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Jeremia 27:3
Stuur de koningen van Edom, Moab, Ammon, Tyrus en Sidon ieder een juk. Je moet ze meegeven aan hun gezanten, die bij koning Sedekia in Jeruzalem zijn.
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Jeremia 4:13
Daar doemt de vijand op, als een jagende wolk, zijn wagens razen als een wervelwind, zijn paarden gaan sneller dan adelaars. “Wee ons! Het is met ons gedaan.”
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Ezechiel 30:10
Dit zegt God, de HEER: Ik zal de bevolking van Egypte laten uitroeien door koning Nebukadnessar van Babylonië.
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Ezechiel 26:3
Daarom zegt God, de HEER: Ik zal je straffen, Tyrus, ik zal een vloed van volken op je afsturen, ze zullen op je aanstormen als de golven van de zee!
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Ezechiel 26:10
Met zo veel paarden komt hij op je af dat stofwolken je zullen bedekken; als hij je poorten binnenkomt zullen je muren beven door het geraas van de ruiters, de wielen en de wagens, alsof de stad wordt opengereten.
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Ezechiel 28:7
zal ik vreemde volken op je afsturen, de wreedste van alle, die met hun zwaarden al je schitterende wijsheid zullen vernietigen en je van je luister zullen beroven.
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Ezechiel 29:18
'Mensenkind, Nebukadnessar, de koning van Babylonië, heeft zijn leger afgebeuld in de strijd tegen Tyrus. De hoofden van zijn mannen zijn kaalgeschuurd en hun schouders zijn ontveld. Maar al die strijd tegen Tyrus heeft hem en zijn leger niets goeds gebracht.
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Ezechiel 17:14
want het moest een onbeduidend koninkrijk blijven dat zich niet zou verheffen. Dan zou het verdrag worden nageleefd en het koninkrijk blijven bestaan.
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Jeremia 6:23
Ze houden boog en zwaard gereed, wreed zijn ze, meedogenloos. Hun krijgsrumoer klinkt als een bulderende zee, ze komen op paarden aangestormd. Hun leger staat in slagorde, als één man gereed voor de strijd. Het richt zich, vrouwe Sion, tegen jou!’
Gerelateerd aan Ezechiel 26:7
Nahum 3:2
Hoor! Knallende zwepen! Hoor! Daverende wielen! Dravende paarden, dansende wagens,
1
2