Gerelateerd aan Ezechiel 20

Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

Ezechiel 8:1

In het zesde jaar, op de vijfde dag van de zesde maand, toen ik in mijn huis zat met de oudsten van Juda tegenover me, werd ik opnieuw gegrepen door de hand van God, de HEER.
Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

Ezechiel 1:2

(2-3) (Op de vijfde dag van die maand, en wel in het vijfde jaar van koning Jojachins ballingschap, richtte de HEER zich tot de priester Ezechiël, de zoon van Buzi, in het land van de Chaldeeën, bij het Kebarkanaal. Daar werd hij door de hand van de HEER gegrepen.)
Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

Ezechiel 32:1

Op de eerste dag van de twaalfde maand in het twaalfde jaar richtte de HEER zich tot mij:
Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

Ezechiel 29:1

Op de twaalfde dag van de tiende maand in het tiende jaar richtte de HEER zich tot mij:
Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

Ezechiel 24:1

In het negende jaar, op de tiende dag van de tiende maand, richtte de HEER zich tot mij:
Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

Ezechiel 29:17

Op de eerste dag van de eerste maand in het zevenentwintigste jaar richtte de HEER zich tot mij:
Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

Ezechiel 31:1

Op de eerste dag van de derde maand in het elfde jaar richtte de HEER zich tot mij:
Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

Ezechiel 26:1

In het elfde jaar, op de eerste dag van de maand, richtte de HEER zich tot mij:
Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

Ezechiel 40:1

Op de tiende dag van de maand, aan het begin van het vijfentwintigste jaar van onze ballingschap, het veertiende jaar na de val van de stad, op precies die dag werd ik door de hand van de HEER gegrepen en weggevoerd.
Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

Ezechiel 30:20

Op de zevende dag van de eerste maand in het elfde jaar richtte de HEER zich tot mij. Hij zei:
Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

Ezechiel 14:1

Een aantal van de oudsten van Israël kwam bij me, en toen ze tegenover mij hadden plaatsgenomen
Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

Jesaja 29:13

De Heer zegt: Omdat dit volk mij naar de mond praat, mij slechts met de lippen dient, terwijl hun hart ver bij mij vandaan is; omdat hun ontzag voor mij louter plicht is, slechts aangeleerd en door mensen opgelegd-
Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

Handelingen 22:3

‘Ik ben een Jood, geboren in Tarsus in Cilicië, maar opgegroeid in deze stad. Ik heb als leerling aan de voeten van Gamaliël gezeten en ben strikt volgens de voorschriften van de wet van onze voorouders opgevoed. Ik ben een vurig dienaar van God, en u allen geeft vandaag blijk van hetzelfde.
Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

1 Koningen 14:2

Jerobeam zei tegen zijn vrouw: 'Kom, verkleed je zo dat niemand je als mijn vrouw herkent, en ga naar Silo. Daar woont de profeet Achia, die mij voorzegd heeft dat ik koning over dit volk zou worden.
Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

Jeremia 37:17

Op een dag liet koning Sedekia hem in het geheim naar zijn paleis brengen. Hij vroeg: ‘Heeft de HEER gesproken?’ ‘Ja, ‘antwoordde Jeremia, ‘u zult worden uitgeleverd aan de koning van Babylonië.’
Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

Ezechiel 33:30

Wat jou aangaat, mensenkind: je volksgenoten praten allemaal over jou, bij de stadsmuur en bij de deuren van hun huizen zeggen ze tegen elkaar: "Kom, laten we gaan luisteren naar wat de HEER ons te zeggen heeft!"
Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

2 Koningen 3:13

maar Elisa zei tegen de koning van Israël: 'Wat wilt u van mij? Gaat u maar naar de profeten van uw vader en moeder.' 'Nee, 'zei Joram, 'want het is de HEER die deze drie koningen bijeen heeft gebracht om ze aan Moab uit te leveren.'
Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

Mattheüs 22:16

Ze stuurden enkele van hun leerlingen samen met een aantal Herodianen naar hem toe, met de vraag: ‘Meester, wij weten dat u oprecht bent en in alle oprechtheid onderricht geeft over de weg van God. We weten dat u zich aan niemand iets gelegen laat liggen, u kijkt immers niemand naar de ogen.
Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

Lukas 8:35

Vele mensen gingen op weg om met eigen ogen te zien wat er was voorgevallen. Toen ze bij Jezus kwamen, troffen ze daar de man aan uit wie de demonen waren weggegaan. Hij zat aan Jezus’ voeten, gekleed en bij zijn volle verstand, en toen ze dat zagen, werden ze door schrik bevangen.
Gerelateerd aan Ezechiel 20:1

1 Koningen 22:15

Hij ging naar de koning toe, die hem vroeg: 'Micha, zullen wij tegen Ramot in Gilead ten strijde trekken, of kunnen we er beter van afzien?' 'Trek op, 'antwoordde Micha. 'Uw veldtocht zal slagen en de HEER zal u de stad in handen geven.'
1
2
3
4
5
6
7
Volgende