Gerelateerd aan Ezechiel 16:44

Gerelateerd aan Ezechiel 16:44

Ezechiel 18:2

'Waarom gebruiken jullie in Israël toch het spreekwoord: Als de ouders onrijpe druiven eten, krijgen de kinderen stroeve tanden?
Gerelateerd aan Ezechiel 16:44

1 Samuel 24:13

(24:14) Zoals het oude spreekwoord luidt: Slechte mensen, slechte daden. Nee, ik zal mijn hand niet tegen u opheffen.
Gerelateerd aan Ezechiel 16:44

2 Koningen 17:11

en op al die offerhoogten ontstaken ze offers, naar het voorbeeld van de volken die de HEER van hen had weggevoerd. Met deze kwalijke praktijken tergden ze de HEER.
Gerelateerd aan Ezechiel 16:44

Psalmen 106:35

vermengden zich zelfs met hen en spiegelden zich aan hun daden,
Gerelateerd aan Ezechiel 16:44

Ezechiel 16:45

Je bent echt een dochter van je moeder: ook zij verachtte haar man en haar kinderen, en je bent net als je zusters: ook zij minachtten hun man en kinderen. Je moeder was een Hethitische, je vader een Amoriet;
Gerelateerd aan Ezechiel 16:44

2 Koningen 17:15

Ze trokken zich niets aan van zijn bepalingen en van het verbond dat hij met hun voorouders had gesloten, en sloegen zijn waarschuwingen in de wind. Ze liepen achter nietige goden aan en werden zo zelf nietswaardig. Ze volgden het voorbeeld van de hen omringende volken, hoewel de HEER hun dat verboden had.
Gerelateerd aan Ezechiel 16:44

Ezechiel 16:3

Dit zegt God, de HEER, tegen haar: Van oorsprong ben je een Kanaänitische, je werd geboren uit een Amoritische vader en een Hethitische moeder.
Gerelateerd aan Ezechiel 16:44

2 Koningen 21:9

Maar ze luisterden niet en lieten zich door Manasse verleiden nog meer kwaad te doen dan de volken die de HEER voor hen had uitgeroeid.
Gerelateerd aan Ezechiel 16:44

1 Koningen 21:16

Toen Achab hoorde dat Nabot dood was, ging hij naar Jizreël om de wijngaard van Nabot in bezit te nemen.
Gerelateerd aan Ezechiel 16:44

Ezechiel 12:22

'Mensenkind, hoe luidt dat spreekwoord bij jullie in Israël? De dagen rijgen zich aaneen, en geen visioen komt uit?
Gerelateerd aan Ezechiel 16:44

Ezra 9:1

Toen deze zaken afgehandeld waren, kwamen de leiders naar mij toe en zeiden: 'Het volk van Israël, de priesters en de Levieten hebben zich niet afzijdig gehouden van de bevolking van het land en ook niet van de gruwelijke gebruiken van de Kanaänieten, Hethieten, Perizzieten, Jebusieten, Ammonieten, Moabieten, Egyptenaren en Amorieten.