Gerelateerd aan Ezechiel 16:37

Gerelateerd aan Ezechiel 16:37

Jeremia 13:22

Dan zul je zeggen: “Waarom treft mij dit?” Om je talloze wandaden worden je kleren afgerukt en wordt je eer geschonden.
Gerelateerd aan Ezechiel 16:37

Hosea 2:10

(2:12) Ik zal haar de kleren van het lijf rukken in het bijzijn van haar minnaars, en niemand die haar uit mijn greep kan redden.
Gerelateerd aan Ezechiel 16:37

Hosea 2:3

(2:5) Anders zal ik haar uitkleden, haar zo naakt laten staan als toen ze geboren werd; anders maak ik haar onvruchtbaar als een woestijn, als een land van grote droogte, en laat ik haar omkomen van dorst.
Gerelateerd aan Ezechiel 16:37

Hosea 8:10

Maar ook al zouden ze van de andere volken slechts liefde ontvangen, voor mij is nu de maat vol. Ze krimpen al ineen onder de druk van de machtige koning van Assyrië.
Gerelateerd aan Ezechiel 16:37

Ezechiel 23:9

Daarom leverde ik haar uit aan haar minnaars, de Assyriërs naar wie zij had verlangd,
Gerelateerd aan Ezechiel 16:37

Klaagliederen 1:8

Haar zware zonden maakten Jeruzalem tot een voorwerp van spot; wie haar eerden, verachten haar, nu ze haar naaktheid zien. En zij, zij kreunt en zucht en wendt zich af.
Gerelateerd aan Ezechiel 16:37

Openbaring 17:16

De tien horens die je zag en het beest zelf zullen een afschuw krijgen van de hoer en ze zullen haar te gronde richten. Ze zullen haar uitkleden, haar vlees eten en haar in brand steken.
Gerelateerd aan Ezechiel 16:37

Jeremia 13:26

Ikzelf trek je mantel omhoog, tot over je gezicht, je naaktheid wordt tentoongespreid,
Gerelateerd aan Ezechiel 16:37

Nahum 3:5

Daarom zal ik je straffen-spreekt de HEER van de hemelse machten. Ik zal je kleren optillen tot over je gezicht, je naaktheid aan alle volken tonen, je schaamte aan alle landen laten zien.
Gerelateerd aan Ezechiel 16:37

Jeremia 22:20

Beklim de Libanon en schreeuw het uit, verhef je stem in Basan, schreeuw het uit vanaf de Abarim, want al je minnaars zijn verslagen.
Gerelateerd aan Ezechiel 16:37

Ezechiel 23:22

Daarom-dit zegt God, de HEER: Ik zet je minnaars, van wie je een afkeer hebt gekregen, tegen je op; ik laat ze overal vandaan naar je optrekken:
Gerelateerd aan Ezechiel 16:37

Jeremia 4:30

Jij, Juda, bent tot ondergang gedoemd, wat wil je nu nog doen? Al ga je gekleed in scharlaken, al ben je met goud getooid, al maak je je ogen op, tevergeefs maak je je mooi. Je wordt door je minnaars verworpen, ze staan je naar het leven.
Gerelateerd aan Ezechiel 16:37

Klaagliederen 1:19

Ik riep om mijn minnaars, maar zij lieten mij in de steek. Mijn priesters en oudsten zijn in de stad omgekomen, zoekend naar voedsel om in leven te blijven.