Gerelateerd aan Exodus 2:20
Gerelateerd aan Exodus 2:20
Genesis 31:54
Hij bracht daar in het bergland een offer en riep zijn verwanten op om er een maaltijd te houden. Dat deden ze, en ze overnachtten in het gebergte.
Gerelateerd aan Exodus 2:20
Genesis 43:25
De broers zorgden ervoor dat het geschenk klaarstond voordat Jozef ‘s middags kwam; er was hun namelijk verteld dat ze daar de maaltijd zouden gebruiken.
Gerelateerd aan Exodus 2:20
Genesis 24:31
‘Komt u toch mee, u op wie de zegen van de HEER rust, ‘zei Laban. ‘Waarom blijft u hier buiten staan, terwijl ik het huis al in gereedheid heb gebracht en er plaats is voor uw kamelen?’
Gerelateerd aan Exodus 2:20
Job 42:11
Al zijn broers en al zijn zusters, en iedereen die hem had gekend, kwamen naar zijn huis om samen met hem te eten; ze schudden hun hoofd en troostten hem, omdat de HEER zoveel rampspoed over hem had uitgestort. En elk van hen gaf hem een geldstuk en een gouden ring.
Gerelateerd aan Exodus 2:20
Genesis 29:13
Nauwelijks had Laban het nieuws over Jakob, de zoon van zijn zuster, gehoord of hij snelde hem tegemoet, omhelsde hem, kuste hem hartelijk en nam hem mee naar zijn huis. Daar vertelde Jakob zijn hele geschiedenis aan Laban.
Gerelateerd aan Exodus 2:20
Genesis 18:5
Ik zal u ook iets te eten brengen, zodat u weer op krachten kunt komen voordat u verdergaat. Daarvoor bent u immers bij uw dienaar langsgekomen?’ Zij antwoordden: ‘Wij nemen uw uitnodiging graag aan.’
Gerelateerd aan Exodus 2:20
Hebreeën 13:2
en houd de gastvrijheid in ere, want zo hebben sommigen zonder het te weten engelen ontvangen.
Gerelateerd aan Exodus 2:20
1 Timotheüs 5:10
en bekendstaan om hun goede daden, kinderen hebben opgevoed, gastvrij zijn geweest, gelovigen de voeten hebben gewassen en zich hebben ingezet voor verdrukten, die, kortom, allerlei goede daden hebben verricht.
Gerelateerd aan Exodus 2:20
Genesis 19:2
‘Heren, ‘zei hij, ‘komt u toch mee. Het huis van uw dienaar staat voor u open; overnacht daar en was er uw voeten. Dan kunt u morgenvroeg uw weg vervolgen.’ ‘Nee, dank u, ‘antwoordden ze, ‘we overnachten wel op het plein.’
Gerelateerd aan Exodus 2:20
Job 31:32
Geen vreemdeling liet ik buiten overnachten, voor elke reiziger opende ik mijn deuren.