Gerelateerd aan Deuteronomium 34:7

Gerelateerd aan Deuteronomium 34:7

Genesis 27:1

Toen Isaak oud geworden was en zijn ogen zo zwak waren geworden dat hij niet meer kon zien, riep hij Esau bij zich, zijn oudste zoon. ‘Mijn zoon, ‘zei hij. ‘Wat wilt u mij zeggen?’ vroeg Esau.
Gerelateerd aan Deuteronomium 34:7

Deuteronomium 31:2

‘Ik ben nu honderdtwintig jaar oud en niet in staat om nog langer leiding te geven. Bovendien heeft de HEER me gezegd dat ik de Jordaan niet mag oversteken.
Gerelateerd aan Deuteronomium 34:7

Jozua 14:10

Welnu, de HEER heeft mijn leven gespaard, zoals hij had beloofd. Het is nu vijfenveertig jaar geleden dat hij Mozes die belofte gaf, toen Israël nog door de woestijn trok. Ik ben nu vijfentachtig jaar oud,
Gerelateerd aan Deuteronomium 34:7

Genesis 48:10

Doordat Israël al oud was, waren zijn ogen dof geworden, hij kon niet goed meer zien. Toen Jozef zijn zonen dichter naar hem toe had gebracht, kuste en omhelsde Israël hen.
Gerelateerd aan Deuteronomium 34:7

Handelingen 7:36

Het was deze Mozes die het volk wegleidde uit Egypte onder het verrichten van tekenen en wonderen, niet alleen in Egypte, maar ook bij de Rode Zee en in de woestijn, veertig jaar lang.
Gerelateerd aan Deuteronomium 34:7

Handelingen 7:30

Nadat er veertig jaren waren verstreken, verscheen er in de woestijn bij de berg Sinai een engel aan hem in de vlammen van een brandende doornstruik.
Gerelateerd aan Deuteronomium 34:7

Handelingen 7:23

Toen hij veertig jaar was, besloot hij zich te bekommeren om het lot van de Israëlieten, zijn eigen volk.